“Als we de dwang tot economische groei niet ter discussie stellen, blijft natuurbescherming dweilen met de kraan open”
“Als we de dwang tot economische groei niet ter discussie stellen, blijft natuurbescherming dweilen met de kraan open”
Postkapitalistisch natuurbehoud is de enige weg vooruit om het leven structureel te beschermen, stellen hoogleraren Bram Büscher en Esther Turnhout. In dit essay laten ze zien hoe we voorbij kunnen gaan aan de groeidwang van het kapitalisme en de problemen bij de kern kunnen aanpakken.
Laten we beginnen bij het begin. Het kapitalisme is een politiek-economisch systeem dat draait om kapitaal. Het begrip kapitaal verwijst naar het inzetten van middelen van waarde – zoals mensen, ideeën of natuurlijke hulpbronnen – om meer waarde te genereren. Kapitaal is niet hetzelfde als geld. Geld wordt pas kapitaal als het wordt ingezet om nog meer geld te verdienen. De doelstelling van vermeerdering, van oneindige groei, zit ingebakken in de ideologie van het kapitalisme.
Kapitaal is dus geen onschuldig iets wat voor ‘win-win’ kan zorgen, zoals sommigen beweren – onze groeidwang is diep problematisch. De onmisbare basis voor het kapitalisme wordt namelijk gevormd door de natuurlijke wereld, in al zijn biodiversiteit: de natuur levert de middelen die nu worden omgezet in kapitaal om steeds meer economische groei mogelijk te maken. Maar de natuur is geen onuitputtelijke bron van grondstoffen. Zij is per definitie eindig. Ecosystemen raken uit balans als er te veel aan wordt onttrokken. Onder het kapitalisme van de laatste eeuwen is zo steeds meer biodiversiteit verloren gegaan.
Uitgelichte quote
Het waren kapitalistische elites die de moderne natuurbescherming haar huidige institutionele vormen gaven
Opkomst van natuurbehoud
In de negentiende eeuw drong bij sommigen het besef door dat het zo niet verder kon. De keerzijde van de vernietiging en overheersing van de natuur werd simpelweg te duidelijk en er kwam een hernieuwde waardering van het belang van natuur. Dit besef is medeverantwoordelijk voor de opkomst van de natuurbescherming in Europa en Noord-Amerika. Vanaf dit moment zijn mensen zich in toenemende mate behalve als vernietiger ook als redder van de natuur gaan zien. Echter, de natuurbescherming trok het kapitalisme en het doel van economische groei niet in twijfel. Sterker nog, het waren kapitalistische elites die de moderne natuurbescherming haar huidige institutionele vormen gaven. Dit deden zij allereerst door de introductie van beschermde gebieden en later met de ideeën van ‘natuurlijk kapitaal’ en ‘groene groei’.
De bekendste strategie in de natuurbescherming is het instellen van beschermde gebieden, zoals het Yellowstone National Park in Amerika en het Kruger National Park in Zuid-Afrika. Plekken met een bijzondere biodiversiteit werden met hekken afgesloten om ze te beschermen. Hierbij werden de mensen die van oudsher in deze gebieden woonden vaak verjaagd, met ernstige gevolgen voor hun manier van leven. De toegang tot deze gebieden bleef voortaan voorbehouden aan mensen die biodiversiteit op een wetenschappelijke manier bestudeerden of zich een bezoek als toerist konden veroorloven. Deze strategie heeft ervoor gezorgd dat veel dieren en ecosystemen behouden zijn gebleven. Tegelijkertijd heeft het de huidige uitstervingscrisis niet kunnen voorkomen. Sterker nog: in precies dezelfde honderdvijftig jaar dat de moderne natuurbeweging zich heeft ontwikkeld, is de uitsterving crisis drastisch geïntensiveerd.
Uitgelichte quote
Het benadeelt precies de mensen die niet verantwoordelijk zijn voor biodiversiteitsverlies
Blinde vlek
Een van de redenen hierachter is dat de strategie van beschermde gebieden een belangrijke blinde vlek heeft. De strategie richt zich op het beschermen van specifieke gebieden, maar heeft geen aandacht voor wat er buiten die gebieden gebeurt. En dat is meteen ook de reden waarom deze strategie zo goed paste bij de ontwikkeling van het kapitalisme. Terwijl binnen beschermde gebieden de natuur werd behouden, konden de economische ontwikkeling en natuurvernietiging buiten de beschermde gebieden min of meer ongeremd plaatsvinden. Er ontstond zelfs een wederzijdse afhankelijkheid: de winsten die werden gemaakt met het vernietigen van natuur vormden de basis voor veel private financiering en sponsoring van natuurbeschermingsorganisaties.
Deze manier van werken heeft zijn grenzen bereikt. Niet alleen vanwege de onrechtvaardige consequenties – het benadeelt precies de mensen die niet verantwoordelijk zijn voor biodiversiteitsverlies – maar ook door het gebrek aan effectiviteit: de aanpak slaagt er niet in om de mondiale uitstervingscrisis te stoppen. Daarnaast is duidelijk dat biodiversiteitsverlies buiten beschermde gebieden ook een bedreiging vormt voor biodiversiteit binnen beschermde gebieden. Hekken bieden simpelweg geen effectieve barrière tegen klimaatverandering, vervuiling en het verlies van genetische diversiteit.
Uitgelichte quote
Het grote probleem is dat natuurbehoud in een kapitalistische economie alleen mogelijk is als er geld voor is of als het economisch rendabel is
De waarde van natuur ‘zichtbaar’ maken
Deels als antwoord op deze problemen is de afgelopen decennia een nieuwe aanpak opgekomen. De kern van deze aanpak is de natuur binnen de kapitalistische economie te brengen door deze kunstmatig te beprijzen, en zodoende markten voor natuur mogelijk te maken. De markten maken het mogelijk om natuurverlies te compenseren door ergens anders natuur te beschermen. Volgens de VN-ondersteunde The Economics of Ecosystems and Biodiversity-studie, geleid door ex-bankier Pavan Sukhdev, is dit belangrijk om de ‘economische waarde van de natuur zichtbaar te maken’. Natuur wordt zo heruitgevonden als ‘natuurlijk kapitaal’ en als leverancier van ‘ecosysteemdiensten’. Binnen het kapitalisme lijken ze logisch. Maar ze doen precies waar Einstein ooit voor waarschuwde: de logica van het probleem toepassen om het op te lossen. Dat werkt niet.
Uitgelichte quote
Als blijkt dat er toch meer economische groei nodig is, dan legt de natuur alsnog het loodje
“Kapitalistisch realisme wint het van ecologisch realisme”
Het grote probleem is dat natuurbehoud in een kapitalistische economie alleen mogelijk is als het economisch rendabel is. Zo niet, dan is het niet de moeite waard. Met andere woorden: kapitalistisch realisme wint het van ecologisch realisme. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat natuurbescherming verhuist naar landen waar biodiversiteit zo goedkoop mogelijk kan worden beschermd. En als er alternatieven zijn die meer geld opbrengen of minder kosten, of als blijkt dat er toch meer economische groei nodig is, dan legt de natuur alsnog het loodje.
Als we de algemene drang tot economische groei niet ter discussie stellen, blijft natuurbescherming een kwestie van dweilen met de kraan open: zo efficiënt, snel en goed mogelijk de continu toenemende druk van een destructief systeem proberen op te lappen, in plaats van het kernprobleem aan te pakken.
Het tegengeluid dat aandacht vraagt voor de ontoereikendheid van deze oplossingen komt vooral van sociale bewegingen; bijvoorbeeld van oorspronkelijke volkeren, die andere waarden en wereldvisies hanteren en vaak een cruciale rol spelen in het onderhoud en beschermen van de lokale biodiversiteit. De bewegingen pleiten steevast voor een fundamentele verandering van onze relatie met de natuur, onze relatie met elkaar en voor een hervorming van onze economie in de richting van een post-kapitalistische samenleving.
Uitgelichte quote
Een natuurinclusieve samenleving gaat uit van de verwevenheid van mens en natuur
Postkapitalistisch natuurbehoud
Een postkapitalistische, natuurinclusieve samenleving gaat uit van de verwevenheid van mens en natuur. Het idee dat natuur niet apart van, maar midden in de samenleving moet staan en dat alle maatschappelijke en economische activiteiten natuur moeten respecteren is in opkomst. Dit zal niet vanzelf gaan, want hiervoor zijn diepgaande veranderingen nodig in machtsrelaties, instituties en waardepatronen. Tegelijkertijd is de urgentie voor deze veranderingen hoog en wordt het steeds duidelijker dat ongeremde kapitalistische groei slecht heeft uitgepakt voor natuur en mens.
In de rest van dit essay stellen wij twee overkoepelende pakketten van maatregelen voor. We moeten direct beginnen met acties in elk van deze twee pakketten: alleen met een integrale benadering kunnen we de problemen bij de wortel aanpakken.
Uitgelichte quote
Het is essentieel om te stoppen met de stimulering en financiering van natuurvernietiging, onder andere via subsidies en belastingvoordelen
Pakket 1: Progressieve belastingen en regulering van de financiële sector
Het eerste overkoepelende pakket richt zich op het wegnemen van de oorzaken van natuurvernietiging door het omvormen van de economie. Allereerst gaat het om de toenemende ongelijkheid die in zichzelf een aanjager is van natuurvernietiging. In de laatste tien jaar heeft de rijkste 1 procent van de wereld 74 procent meer rijkdom vergaard dan de armste 50 procent; en deze 1 procent stoot meer CO2 uit dan de armste 50 procent.
Als je extreme rijkdom aanpakt via progressieve belastingen op kapitaal en de regulering van de financiële sector die in hoge mate verantwoordelijk is voor deze ongelijkheid, sla je meerdere vliegen in één klap. Je bestrijdt niet alleen natuurvernietiging, maar ook economische ongelijkheid; en je zorgt voor een stabiele basis voor overheidsfinanciering die kan worden ingezet voor natuurbescherming, huisvesting, zorg en onderwijs.
Daarnaast is het essentieel om te stoppen met de stimulering en financiering van natuurvernietiging, onder andere via subsidies en belastingvoordelen. Naast het ombuigen van belastingen en subsidies hebben we wet- en regelgeving nodig die overconsumptie en overproductie reguleert en die hoge duurzaamheids- en ecologische eisen stelt aan economische activiteiten.
Uitgelichte quote
Hoe we omgaan met onze grond is bepalend voor de kwaliteit van onze natuur
Het gebruik van grond democratiseren
Die hoge eisen gelden in het bijzonder voor het gebruik van onze grond. Hoe we omgaan met onze grond is bepalend voor de kwaliteit van onze natuur. Op dit moment is heel veel grond in Nederland privé-eigendom waarbij de eigenaar grotendeels zelf mag bepalen hoe hij het gebruikt, bijvoorbeeld voor landbouw of industrie, zonder rekening te houden met natuur of gezondheid. Willen we de verdere afbraak van de natuur stoppen, dan moeten we hogere duurzaamheidseisen gaan stellen bij pacht, vergunningen, en verkoop van grond. De overheid kan hier meteen mee beginnen: met haar eigen grond. Daarnaast is het belangrijk om het gebruik van grond te democratiseren op een manier die is gebaseerd op het idee van de commons. Volgens dit idee is het belangrijk om grond uit de markt te halen zodat andere dan alleen economische waarden een kans kunnen krijgen.
Deze maatregelen richten zich vooral op hervormingen van regels en instituties. Op de langere termijn echter kunnen ze leiden tot een ander economisch model dat niet is gebaseerd op oneindige groei, extractie, uitbuiting en accumulatie. Deze andere economie – die waarden als gelijkwaardigheid, rechtvaardigheid, en welzijn centraal stelt – creëert de noodzakelijke condities voor het tweede pakket.
Uitgelichte quote
We moeten biodiversiteit centraal zetten en landschappen creëren die goed zijn voor mensen én niet-mensen
Pakket 2: Verbindende relaties tussen mens en natuur
Naast hervorming van de economie gaat het uiteindelijk om het opbouwen van verbindende relaties tussen mens en natuur – wat wij ‘verbindend natuurbehoud’ noemen. Deze visie biedt een alternatief voor de kapitalistische kijk op de natuur en is gebaseerd op twee fundamentele principes: 1) voorbij economische groei en 2) voorbij de geforceerde scheiding tussen mens en natuur. Deze visie voorkomt de uitbuiting van natuur, en daarmee de noodzaak om natuur te redden. In plaats daarvan dragen we zorg voor de natuur in al haar dimensies in het dagelijks leven.
Uitgelichte quote
In plaats van monofunctionele weilanden en industriële stallen worden voedselproductie en biodiversiteit gecombineerd
Voedselinclusieve natuur
Allereerst: verbindend natuurbehoud begint bij ruimtegebruik. In plaats van scherpe grenzen tussen natuur, voedselproductie en bebouwing moeten we biodiversiteit centraal zetten en landschappen creëren die goed zijn voor mensen én niet-mensen. De natuur wordt zo veel robuuster en minder kwetsbaar. Steden zullen er anders uitzien: veel groener en met plek voor wilde dieren. Ook het landelijk gebied verandert drastisch van vorm. In plaats van monofunctionele weilanden en industriële stallen worden voedselproductie en biodiversiteit gecombineerd. Agro-ecologie en voedselbossen zijn sprekende voorbeelden van deze vorm van natuurinclusieve landbouw of voedselinclusieve natuur. In tegenstelling tot wat veel wordt beweerd is daar genoeg plek voor, zelfs in het drukke Nederland. Maar alleen als we keuzes maken. Zonnepanelen horen op daken en niet in de open groene ruimte, en we kunnen niet doorgaan met het huidige ruimtegebruik voor de productie van veevoer en vlees.
Uitgelichte quote
Zonnepanelen horen op daken en niet in de open groene ruimte
Basisinkomen koppelen aan natuurbehoud
Een tweede actiepunt is de invoering van een natuurinkomen. Op dit moment hebben veel mensen weinig tijd om echt bezig te zijn met de natuur. Tegelijkertijd zijn er steeds meer mensen die nauwelijks kunnen rondkomen en zijn er nog steeds honderdduizenden mensen die geen werk kunnen vinden. Deze laatste problemen worden vaak gebruikt als reden om een algemeen basisinkomen in te voeren: een minimum inkomen waar iedereen altijd en overal recht op heeft. Wij stellen voor om deze inkomensgarantie in te voeren en te koppelen aan natuurbehoud. Concreet betekent dit dat mensen met een basisinkomen de mogelijkheid wordt geboden om zich actief of actiever in te zetten voor de lokale biodiversiteit. Hoe dit eruit komt te zien, is afhankelijk van lokale omstandigheden en zal verschillen tussen stad en platteland. Daarnaast hoeft het niet alleen beperkt te zijn tot mensen met een laag inkomen. Wat ons betreft krijgen mensen met een hoger inkomen ook de optie om een deel van hun werkweek te ruilen voor dit inkomen als ze actief worden in lokale initiatieven om biodiversiteit en mens-natuurrelaties in de breedste zin te bevorderen.
Ten derde, het huidige kapitalistische denken heeft ervoor gezorgd dat zowel de uitbuiting als de bescherming van de natuur het terrein is geworden van specialisten die vooral werken op basis van kennis die enkel gericht is op de natuur, niet op de relatie tussen mens en natuur. Met het verbindend natuurbehoud dat wij voorstellen nemen we afscheid van deze scheiding tussen mens en natuur. Dit betekent dat kennis niet langer ten dienste kan staan van de optimalisering en efficiëntie van gebruik of bescherming, maar verbinding moet bevorderen. Het betekent ook dat we onze kennis niet meer alleen bij natuurwetenschappelijke experts moeten halen. De manier waarop wij ons natuurbeheer als samenleving willen vormgeven, moet tot stand komen in samenwerking met sociale wetenschappers, kunstenaars, omwonenden en betrokkenen, landgebruikers en beleidsmakers.
Hervorming van het natuurtoerisme
Ons laatste actiepunt is een hervorming van het natuurtoerisme, in het globale zuiden maar ook in Nederland. Toerisme wordt vaak gezien als de redder van de biodiversiteit: zo betalen mensen voor toegang tot de natuur. Maar toerisme is op dit moment allesbehalve duurzaam en geeft vaak een zeer beperkt beeld van natuur – vaak als iets spectaculairs in plaats van alledaags, als iets commercieels in plaats van gemeenschappelijks en als iets wat je in je vrije tijd ‘bezoekt’ in plaats van waar je altijd mee samenleeft. Ons doel is om nieuwe vormen van reizen te ontwikkelen die tot doel hebben een meer diepgaande relatie op te bouwen met de natuur – dichtbij en ver weg.
Uitgelichte quote
Weinig dingen zijn meer politiek dan de basis van ons bestaan: de Aarde, biodiversiteit en de natuur
Geen utopie
Hoewel onze visie idealistisch is, is het geen utopie. Het gaat namelijk niet om de toekomst, maar om het hier-en-nu. We zitten midden in een transformatie als gevolg van de sociale en milieucrises en we moeten nu handelen om deze transformatie een positieve richting te geven. Dit zal niet makkelijk zijn. Wat we beogen, zal gepaard moeten gaan met een fundamentele herziening van machtsrelaties – en dit betekent dat het kan rekenen op weerstand vanuit de gevestigde belangen van de minderheid die profiteert van het huidige systeem. Weinig dingen zijn meer politiek dan de basis van ons bestaan: de Aarde, biodiversiteit en de natuur. Maar als we het politieke karakter van mens-natuurrelaties omarmen, kunnen we natuur en biodiversiteit bevrijden van technocraten en elites, en inbedden in een brede maatschappelijke transformatie gestuurd door leidende waarden als rechtvaardigheid, gelijkwaardigheid en democratische participatie.
Dit is een ingekorte versie van een van de essays uit het nieuwste boek van Kees Klomp, De Ecologische Samenleving, dat onlangs verscheen bij uitgeverij Noordboek. Het boek is een bloemlezing van essays over hoe we een ecologische samenleving kunnen vormgeven, met bijdragen van Leen Gorissen, Felix van Hoften, Hans Stegeman, en vele anderen.
Over Bram Büscher
Bram Büscher (1977) studeerde politicologie aan de VU Amsterdam en promoveerde daar met een proefschrift over grensoverschrijdende parken in zuidelijk Afrika. Hij heeft lesgegeven aan het Institute of Social Studies (Erasmus Universiteit), is sinds 2015 verbonden als hoogleraar aan de Wageningen Universiteit en bekleedt een gasthoogleraarschap aan de Universiteit van Johannesburg.
Over Esther Turnhout
Esther Turnhout (1972) is hoogleraar Wetenschap, Technologie en Samenleving aan de Universiteit Twente. In haar werk analyseert ze de risico’s van technocratische benaderingen, de rol van belangen en macht in de wetenschap, en de gevolgen van ongelijkheid tussen verschillende vormen van wetenschappelijke en niet-wetenschappelijke kennis.