Emile Corre
Activiteiten:Regeneratieve voedselondernemingen starten
Initiatiefnemer:Emile Corre
Start:2015
Plaats:Culemborg
Introductie
Emile Corre – oprichter van Fruitslagers – is voortdurend op zoek naar ecologische oplossingen voor bestaande producten, zoals tempeh van vergeten boonsoorten, wijn van biologische druiven en ijsthee van lokale kruiden. “Ons doel is om van landbouwvormen zoals regeneratie of rewilding een gezond verdienmodel te maken. We zijn een soort krakers van het voedselsysteem.”
De afgelopen decennia is de Nederlandse biodiversiteit in rap tempo vernietigd, het landschap eentonig geworden en zijn inheemse soorten verdwenen uit het verdienmodel van de voedingsindustrie. In plaats van voedend, is voedsel destructief geworden. Terwijl echte en goede smaak juist voortkomt uit een rijk en divers landschap – een landschap dat in Nederland bijna niet meer bestaat. Fruitslagers ontwikkelt teeltplannen om het landschap te restaureren. Dit doen ‘de fruitslagers’ met lokale boeren, met als resultaat: korte ketens, minder uitstoot en een gezonde decentrale economie.
Uitgelichte quote
Mijn vader komt uit Bretagne, uit een vissersfamilie die zeewier plukt uit de Atlantische Oceaan
Twee werelden
Aan het roer van Fruitslagers staat Emile Corre. Emile – half Frans, half Nederlands – groeide op in Blijkmeer ten westen van Amsterdam. “Een soort tuinpark”, vertelt hij, “waar we samen met verschillende families woonden. Mijn moeder komt uit een typisch ‘Provo-gezin’, met krakers en kunstenaars. Mijn vader komt uit Bretagne, uit een vissersfamilie die zeewier plukt uit de Atlantische Oceaan. Twee totaal verschillende werelden. Ik zie mezelf daar precies tussenin: ik vind het heerlijk om te vissen en met zeewier bezig te zijn, maar dan wel op een poëtische manier die laat zien dat het ook anders kan. In Bretagne waren we voortdurend met de zee bezig, in Nederland leefden we letterlijk uit en in de natuur. Als je zo opgroeit, kun je niet anders dan voor die natuur willen zorgen. Ik vind de natuur belangrijker dan de mens — als de natuur gezond is, volgt de mens vanzelf.”
Uitgelichte quote
Voor mij geldt vaak: hoe heftiger, hoe leuker. Maar de meeste Nederlanders denken daar heel anders over
Emile Corre: “In plaats van voedend, is voedsel destructief geworden.” Fotograaf: Sabine Rovers
De alcholvrije wijn van Cul Sec, gemaakt van Nederlandse druiven. Fotograaf: Sabine Rovers
Ethisch oninteressant
Op zijn veertiende raakte Emile geïnspireerd door Ferran Adrià, de chef die het moleculair koken groot maakte. Vanaf dat moment stond hij bijna elke dag in de keuken. Toen hij klaar was met school trok hij de wereld over om te begrijpen hoe het voedselsysteem werkt. “Ik ging van Kazachstan via Vietnam naar de Middellandse Zee, plukte olijven, maakte wijn en slachtte schapen, om maar te ontdekken hoe ons eten gemaakt wordt. Ik belandde zelfs in Parijs, in de wat chiquere restaurants. Al snel merkte ik dat dat niks voor mij was: hoe beter je gaat koken, hoe rijker je bezoeker en hoe minder connectie je hebt met het grote publiek. Je bent dan vooral kaviaar en kreeft aan het serveren, en niet meer beschikbaar voor mensen met minder geld. Dat vond ik ethisch oninteressant. Ik wilde mensen juist iets leren over hun eten.” Tussen het reizen door belandde Emile ‘toevallig’ op de kunstacademie waar hij productdesign studeerde. Tijdens zijn studie richtte hij onder andere de Roze Bunker op – zijn eerste project om voedselgerelateerde problemen creatief aan te pakken.
Uitgelichte quote
Wij denken vanuit landschap naar product
Het team van Fruitslagers. Fotograaf: Sabine Rovers
Vijf merken, vijf manieren om landschap te restaureren
Met Fruitslagers wil Emile het Nederlandse landschap regenereren. Omdat dit op zoveel manieren kan, heeft Fruitslagers inmiddels vijf merken: Roze Bunker, Cul Sec, Boonzaak, Field Guide en Test Kitchen
Roze Bunker
Roze Bunker kaart verschillende problemen in de voedselindustrie aan. Met de siropen – waarvan je frisdrank, een aperitief, cocktail of mocktail maakt – draag je bij aan biodiversiteit, korte ketens en circulaire productie. “Roze Bunker was ons eerste product”, vertelt Emile, “een soort visitekaartje om te laten zien dat je met een ‘negatief’ product de landbouw kan verbeteren.” In tegenstelling tot de frisdrank die we uit de supermarkt kennen, zitten de siropen van Roze Bunker niet vol troep, maar worden ze gemaakt van inheemse bloemen en kruiden die goed zijn voor bodem en insecten en van reststromen (zoals uit de limoncello-industrie overgebleven citroenschillen). Wat uit het productieproces van de siropen overblijft, wordt onder andere gebruikt in hun eigen condimenten zoals sauzen en marmelades.
Boonzaak
Boonzaak maakt tempeh van bonen en een beetje mycelium. Tempeh is een natuurlijke bron van vitaminen, vezels en eiwitten die je lichaam – mede dankzij fermentatie – makkelijk opneemt en verteert. Bonen zijn niet alleen goed voor je lijf, bonenplanten binden stikstof en verbeteren het bodemleven. “Het doel is dat we dit prachtige product in onze eigen mond stoppen, niet in dieren”, zegt Emile.
Cul Sec
Cul Sec is het nieuwste merk. Een alcoholvrij alternatief voor wijn, gemaakt van wilde kruiden en wijndruiven. “Wij denken vanuit landschap naar product”, legt Emile uit. “Welke teelt past bij deze plek en welk product kan je daarvan maken? Wijndruiventeelt in Nederland is lastig, omdat je door de korte nazomer te weinig zonuren hebt voor genoeg suiker in de druif. Voor een alcoholvrije drank heb je niet zoveel suiker nodig, dus zo’n druiventeelt kan hier heel goed. Inmiddels zijn we zo gegroeid dat we nu ook druiven uit Noord-Duitsland en Frankrijk gebruiken, maar we zijn samen met Stichting Lenteland aan het kijken of we de druiventeelt in Nederland groter kunnen maken.”
Test Kitchen en Field Guide
De producten uit de Test Kitchen-lijn worden gemaakt van reststromen uit de eigen productie – denk aan gefermenteerde sauzen, azijnen en siropen. Field Guide zijn alcoholvrije spirits met smaken van het Nederlandse landschap, zoals harsige spar, gerookte turf en kruidige moerasspirea.
Uitgelichte quote
Het gaat vooral om het delen van kennis en het decentraliseren van productie
Het Voedselstation
Naast hun eigen merken hebben de fruitslagers ook een restaurant, Cul Sec Resto, en een eigen productielocatie: Voedselstation. In het restaurant kunnen anderen proeven wat er van de telers en uit de productie komt. Emile: “Vinden alleen wij als supernerds het leuk, of andere mensen ook? Voor mij geldt vaak: hoe heftiger, hoe leuker. Maar de meeste Nederlanders denken daar heel anders over.”
Voedselstation wordt gedeeld met andere ondernemers die aan regeneratie werken. “We hebben Voedselstation opgezet omdat we onze kennis over de productie wilden delen. We hebben niet de ambitie om één groot merk te zijn, we willen pionieren en anderen daarin meenemen. We zijn hier voor de verandering – niet voor de business. Ondernemen maakt die verandering mogelijk.” Andere ondernemers nemen bij Voedselstation een abonnement op de locatie, en kunnen – als de beschikbaarheid het toelaat – ook inkopen bij dezelfde telers. “Het gaat vooral om het delen van kennis en het decentraliseren van productie”, legt Emile uit. “Dat je verschillende autonome partijen hebt die hun eigen bedrijf runnen, maar wel de kosten van de machines kunnen delen.”
Uitgelichte quote
Wat als we in Nederland massaal nordic olives zouden eten?
Van rewilding tot zelfpluk
Nu de bestaande merken stevig staan, richt Emile zich op volgende projecten. Zo werkt hij aan een Nederlandse variant van de olijf: premature vruchten zoals walnoot, pruim, olijfwilg, amandel of perzik, die je verwerkt alsof het olijven zijn en daardoor gaan smaken naar olijf. “Wat als we in Nederland massaal nordic olives zouden eten? Welke bomen moeten we dan planten? En wat doet dat met het landschap? Dat soort vragen houden me bezig”, vertelt Emile.
Ook zoekt Emile een locatie voor een testboerderij voor productontwikkeling. “Als Franse wijnboer ben je landgebonden: je maakt een product dat voortkomt uit je land, en het terroir bepaalt de eigenschappen van het eindproduct. In Nederland wordt vaak vanuit het eindproduct gedacht, waarbij de natuur bijna wordt vergeten. De productontwikkelaars van Fruitslagers ontwikkelen vanuit het landschap: welke ingrediënten dragen bij aan een gezond voedsellandschap, en wat kunnen we daarvan maken? De boerderij wordt een plek waar we uiteenlopende teeltvormen testen — van rewilding tot zelfpluktuin — en daar nieuwe producten uit ontwikkelen. Niet om samenwerkingen met boeren te vervangen, maar om op te schalen.”
Uitgelichte quote
We willen voor meerdere generaties de ruimte bieden om te pionieren met voedsel
De continuïteit van langzame groei
“We zijn de krakers van het voedselsysteem”, vat Emile hun activiteiten samen. “In de landbouw doen we vaak alsof we weten hoe het moet en waar we naartoe gaan, maar we moeten de landbouw hervormen, en niemand weet precies hoe dat uiteindelijk moet. Want wij zijn mensen, en de natuur ontstaat. Ik geloof niet dat wij mensen de waarheid hebben, of dat er maar één waarheid is. Daarom denk ik: zet veertig boerderijen in Nederland open voor experiment en onderzoek daar vijftig jaar lang wat wél kan en werkt.
Die pioniersmentaliteit verklaart ook waarom de fruitslagers regelmatig ‘nee’ zeggen tegen grote partijen zoals landelijke supermarkten. “We zien te vaak dat de retail producten als een hype gebruikt, waardoor het uiteindelijk óf klapt óf wordt overgenomen door een grote speler zoals Unilever. Wij geloven juist in de continuïteit van langzame groei: we willen voor meerdere generaties de ruimte bieden om te pionieren met voedsel. Daarnaast willen we onze eigen autonomie behouden. Wij hebben geen investeerders of kapitaal van buitenaf. We hebben alleen maar groenten, kruiden en een aantal hele goede partners en boeren waarmee we samenwerken. Dát is ons kapitaal.”
Op zoek naar meer regeneratieve ondernemers? Neem een kijkje op onze kaart.







