Re-growth: acht denkers over een economie die het leven laat floreren
Niets in de natuur groeit eindeloos. Onze economie is echter gebouwd op een heel andere logica. Wat gebeurt er als we leren om anders te groeien? Van Jeremy Lent tot Vandana Shiva en Joyeeta Gupta: deze acht denkers schetsen de contouren van re-growth. Niet méér van alles, maar méér van wat het leven laat floreren.
Jeremy Lent – de economie weer in dienst van het leven
Voordat we bepalen hoe we willen groeien, moeten we volgens Jeremy Lent eerst opnieuw kijken naar de plaats die de economie in ons denken inneemt.
In westerse samenlevingen zijn we de economie gaan zien als het systeem waarvan alles afhangt. Maar daarmee zetten we de werkelijkheid op zijn kop. De economie omvat niet de samenleving en de natuur, maar is erin ingebed. Ze kan alleen bestaan dankzij gezonde bodems, een stabiel klimaat, veerkrachtige ecosystemen, menselijke relaties en vormen van werk en zorg die zelden op een balans verschijnen.
“We hebben een Copernicaanse omwenteling nodig”, zegt Lent. “De economie zien als een klein onderdeel van de levende Aarde, in plaats van als het principe waar al het leven omheen moet draaien.”
Met die omwenteling verschuift ook de centrale vraag. Niet langer: hoe houden we de economie aan het groeien? Maar: welke vormen van groei dragen werkelijk bij aan een goed leven?
Voor Lent begint re-growth daarom met een economie die haar plaats kent: niet als doel op zich, maar als onderdeel van een groter levend geheel. Groei krijgt pas betekenis wanneer zij de voorwaarden versterkt waaronder mensen, gemeenschappen en de meer-dan-menselijke wereld kunnen floreren.
Uitgelichte quote
Welke vormen van groei dragen werkelijk bij aan een goed leven?
Jeremy Lent: “De economie is een klein onderdeel van de levende Aarde, niet het principe waar al het leven omheen moet draaien.” Fotograaf: Philip Saltonstall
Fotograaf: On a hazy morning
Vandana Shiva – een economie die leven voortbrengt
Waar Jeremy Lent de economie terugplaatst binnen de levende Aarde, gaat Vandana Shiva een stap verder: wat als we haar vormgeven naar de logica van het leven zelf?
Volgens Shiva rust onze huidige economie op de aanname van een ‘dode Aarde’: het idee dat bodem, water, zaden en bossen levenloze grondstoffen zijn die enkel bestaan om te worden vermarkt.
Een levende economie keert die logica om. “Levende economieën zijn economieën die leven creëren, vermenigvuldigen en regenereren”, zegt ze. Zaden vermeerderen zich, schimmels voeden planten en vogels bestuiven bomen. Waarde ontstaat in relaties die het leven vernieuwen. De mens is daarin geen heerser, maar deelnemer.
Ook overvloed krijgt zo een andere betekenis. Ons huidige systeem belooft meer, maar laat uitgeputte bodems, boeren met schulden en rijkdom in steeds minder handen achter. Een levende economie begint juist bij genoeg en wederkerigheid. “Hoe meer je aan de bodem geeft, hoe meer de bodem aan jou teruggeeft.”
Voor Shiva betekent re-growth de overstap van een economie die rijkdom creëert door het leven uit te putten, naar een economie die waarde schept door het te herstellen. De vraag is dan niet alleen of een onderneming winstgevend is, maar vooral: wat komt er dankzij haar tot leven?
Ontdek meer in ons interview met Vandana Shiva.
Uitgelichte quote
Wat als we de economie vormgeven naar de logica van het leven zelf?
Vandana Shiva: “Levende economieën zijn economieën die leven creëren, vermenigvuldigen en regenereren.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Hans Stegeman – voorbij de groeidwang
Een economie die leven laat floreren, botst op een fundamenteel dilemma: ons huidige systeem kan niet zonder groei.
Volgens econoom Hans Stegeman draait groei allang niet meer alleen om een beter leven. Bedrijven hebben stijgende omzet nodig, overheden rekenen op meer belastinginkomsten en financiële markten verwachten rendement. Groei is zo minder een middel tot welvaart geworden en meer een voorwaarde om het systeem draaiende te houden.
Die afhankelijkheid maakt de economie per definitie extractief. “Een groeiafhankelijk systeem is sociaal en ecologisch uitputtend”, zegt Stegeman. Zonder een voortdurende stroom van grondstoffen, energie en consumptie komt niet alleen de groei, maar ook de financiële stabiliteit onder druk te staan.
Stegeman heeft geen kant-en-klaar alternatief. Wel pleit hij voor een omkering: niet eerst een groeidoel bepalen en daarna de schade beperken, maar beginnen bij ecologische grenzen en daarbinnen sturen op welzijn, rechtvaardigheid en veerkracht. “Het financiële systeem is afgeleid van economische activiteit, niet andersom.”
Daar ligt de degrowth in re-growth: niet alles laten krimpen, maar afscheid nemen van de eis dat alles moet groeien. Zo kunnen extractieve sectoren afbouwen, terwijl gemeenschappen, coöperaties en activiteiten die welzijn versterken juist floreren.
Verdiep je verder in het gedachtegoed van Hans Stegeman.
Uitgelichte quote
Niet alles laten krimpen, maar afscheid nemen van de eis dat alles moet groeien
Fotograaf: Sabine Rovers
Hans Stegeman: “Groei is zo minder een middel tot welvaart geworden en meer een voorwaarde om het systeem draaiende te houden.” Fotograaf: Sabine Rovers
Joyeeta Gupta – wie mag nog groeien?
Zodra we erkennen dat niet alles kan blijven groeien, dringt zich een ongemakkelijke vraag op: wie moet minder aanspraak maken op de Aarde – en wie heeft juist nog ruimte nodig?
Volgens hoogleraar klimaatrechtvaardigheid Joyeeta Gupta is klimaatverandering niet alleen een ecologische, maar ook een verdelingscrisis. De atmosfeer kan nog maar een beperkte hoeveelheid CO2 opnemen, maar over de verdeling van die resterende ruimte bestaan geen rechtvaardige afspraken.
In de praktijk gaat de meeste ecologische ruimte naar wie al het meeste bezit. Rijke landen en mensen hebben de grootste voetafdruk, terwijl gemeenschappen die het minst aan klimaatverandering hebben bijgedragen vaak de zwaarste gevolgen ondervinden. “Wie het kan betalen, mag vervuilen”, zegt Gupta. “Maar hoe rijk je ook bent, je kunt jezelf hier niet uit kopen.”
Re-growth kan daarom niet voor iedereen hetzelfde betekenen. Rijke landen moeten hun uitstoot veel sneller terugbrengen, zodat landen die nog in basisbehoeften moeten voorzien ruimte houden om zich te ontwikkelen.
Een rechtvaardige economie vraagt dus niet alleen hoeveel groei mogelijk is, maar vooral: wie profiteert, wie betaalt de prijs en blijft een leefbare planeet voor iedereen binnen bereik?
Lees meer over Joyeeta Gupta’s visie op een rechtvaardige transitie.
Uitgelichte quote
Wie heeft juist nog ruimte nodig?
Joyeeta Gupta: “Rijke landen en mensen hebben de grootste voetafdruk.” Fotograaf: Renata Chede
“Terwijl gemeenschappen die het minst aan klimaatverandering bijdragen vaak de zwaarste gevolgen ondervinden.” Fotograaf: Renata Chede
Leen Gorissen – niet groter, maar volwassener groeien
Als de ecologische ruimte eerlijker is verdeeld, blijft de vraag: welke groei willen we daarbinnen mogelijk maken? Bioloog Leen Gorissen zoekt het antwoord in de oudste economie die we kennen: de levende wereld.
Al 3,8 miljard jaar houden vooral soorten stand die het grotere geheel versterken, weet ze. “Walvissen koelen het klimaat. Schimmels maken regen. Termieten vergroenen woestijnen.”
Gorissen noemt dit Natuurlijke Intelligentie: de intelligentie waarmee het leven steeds opnieuw de voorwaarden voor meer leven schept. Dat vraagt om een andere economische vraag. Niet: wat kunnen we onttrekken? Maar: wat kunnen we bijdragen?
Ook groei krijgt zo een andere betekenis. Levende systemen worden niet eindeloos groter, maar rijper: ze worden veerkrachtiger, versterken relaties en dragen beter bij aan het geheel.
“Ze groeien niet alleen – ze worden volwassen”, zegt Gorissen. Daar draait re-growth om: niet méér produceren, maar het vermogen verdiepen om te zorgen, samen te werken en bij te dragen aan het levende geheel.
Duik verder in het hele interview met Leen Gorissen.
Uitgelichte quote
Levende systemen worden niet eindeloos groter, maar rijper: ze worden veerkrachtiger en dragen beter bij aan het geheel
“Vooral soorten die het grotere geheel versterken houden stand. Walvissen koelen het klimaat. Schimmels maken regen. Termieten vergroenen woestijnen.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Dat is ‘Natuurlijke Intelligentie’: de intelligentie waarmee het leven steeds opnieuw de voorwaarden voor meer leven schept. Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Kees Klomp – een economie vanuit ecoliberalisme
Maar hoe vertalen we deze ideeën naar politieke en economische instituties? Volgens econoom Kees Klomp vraagt dat om een andere grondslag: het ecoliberalisme.
Daarin is ecologie geen beleidsterrein naast vele andere, maar het fundament van politiek en economie. Dat begint bij een andere kijk op onszelf. “In wezen zijn mensen geen consumenten, zelfs geen wereldburgers. We zijn Aardeburgers, onderdeel van een bredere samenleving van soorten.”
Die omslag vraagt ook om andere instituties. Klomp ziet een centrale rol voor de commons: energiecoöperaties die lokaal stroom opwekken, collectieve woonvormen die huizen tegen kostprijs aanbieden en gedeelde grond, gereedschappen en zorg die voorzien in echte behoeften.
Voor Klomp betekent re-growth het versterken van deze onderstroom, zodat ecologische samenwerking kan uitgroeien van alternatief tot nieuwe norm.
Lees meer over hoe Kees Klomp een ecoliberale toekomst voor zich ziet.
Uitgelichte quote
Ecologie is geen beleidsterrein naast vele andere, maar het fundament van politiek en economie
Kees Klomp: “Mensen zijn geen consumenten, zelfs geen wereldburgers. We zijn Aardeburgers, onderdeel van een bredere samenleving van soorten.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Helena Norberg-Hodge – de economie weer thuisbrengen
Wil deze onderstroom uitgroeien tot een volwaardig economisch systeem, dan moet zij wortelen in concrete plekken en gemeenschappen. Voor Helena Norberg-Hodge begint dat met het verkleinen van de afstand tussen wat we nodig hebben en waar het wordt geproduceerd.
“Lokalisering betekent dat we verschuiven van een mondiaal systeem naar sterkere, meer gedecentraliseerde economieën”, zegt ze. Niet door grenzen te sluiten, maar door macht terug te brengen van multinationals naar gemeenschappen.
Voedsel en landbouw zijn volgens Norberg-Hodge de beste plek om te beginnen. Kleine, diverse boerderijen versterken de biodiversiteit, bieden betekenisvol werk en houden geld lokaal in omloop. Tegelijk herstellen mensen hun band met de bodem en het landschap. “Meer handen en harten per hectare – dat is wat het land nodig heeft om te herstellen.”
Zo maakt lokalisering re-growth tastbaar: lange ketens en machtsconcentratie kunnen krimpen, terwijl lokale landbouw, zorg, reparatie en vakmanschap floreren.
Lees in ons interview hoe Helena Norberg-Hodge een lokale economie voor zich ziet.
Uitgelichte quote
We verschuiven van een mondiaal systeem naar sterkere, meer gedecentraliseerde economieën
Fotograaf: Diane van der Marel
Helena Norberg-Hodge: “Meer handen en harten per hectare – dat is wat het land nodig heeft om te herstellen.” Fotograaf: Diane van der Marel
Koen van Seijen – geld laten werken voor regeneratie
Wil regeneratie uit de marge breken, dan moet geld een andere kant op gaan, stelt expert in regeneratieve financiering Koen van Seijen.
Dat levert een fundamentele spanning op. Het financiële systeem is een van de motoren achter uitputting, maar zonder investeringen komt een regeneratieve economie niet van de grond.
“De komende tien jaar hebben we veel nodig: bomen in de grond, omschakelende landbouwbedrijven en talloze regeneratieve voedselbedrijven”, zegt Van Seijen. “Filantropie alleen kan die transformatie niet dragen.”
Hij ziet twee routes. De eerste is financiering opnieuw vormgeven, met geduldig kapitaal dat impact boven maximaal kortetermijnrendement stelt en handelt als een goede voorouder. De tweede is pragmatischer: het bestaande financiële systeem benutten waar regeneratieve projecten al aan de verwachtingen van investeerders kunnen voldoen.
Hier komen de twee betekenissen van re-growth samen: financiële en regeneratieve waarde hoeven geen tegenpolen te zijn, maar kunnen elkaar juist versterken.
Lees hoe Koen van Seijen re-growth van idee naar economische werkelijkheid wil brengen.
Uitgelichte quote
Financiële en regeneratieve waarde hoeven geen tegenpolen te zijn, maar kunnen elkaar juist versterken
“Filantropie alleen kan de transformatie niet dragen.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Fotograaf: Gabriela Hengeveld