Leen Gorissen: “Van alle soorten op Aarde zijn wij mensen waarschijnlijk de meest amateuristische”

Leen Gorissen
opinie

“Van alle soorten op Aarde zijn wij mensen waarschijnlijk de meest amateuristische”

Tekst Nadine Maarhuis Fotografie Gabriela Hengeveld Gepubliceerd 13 januari 2026 Leestijd 17 minuten

“Walvissen, plankton, fungi, bomen, wolven – al die soorten laten de Aarde gezonder en rijker achter, en dat al honderden miljoenen jaren lang”, zegt bioloog Leen Gorissen. Daarom pleit ze voor ‘Natural Intelligence’: het volgen en belichamen van de wijsheid van de levende wereld, ook in onze economie. “Alleen wat wederkerig, regeneratief en weerbaar is, kan blijven bestaan.”

Je groeide op met een sterke verbondenheid met de natuur. Hoe heeft dat je wereldbeeld gevormd?

“Als kind zat ik het liefst in onze tuin, vooral in de verwilderde plekjes, want daar viel altijd iets te ontdekken. Ik vond dieren prachtige wezens en was al vroeg diep onder de indruk van hoe elegant, intelligent en kundig ze zijn. De dieren en de natuur vormden voor mij een soort heiligdom: zo verfijnd ontworpen dat ze vanzelf respect afdwongen. 

Toen leraren op de lagere school zeiden dat de mens de meest intelligente soort is en boven al het andere leven staat, voelde ik elke cel in mijn lichaam protesteren. In dat idee van menselijke superioriteit heb ik nooit geloofd. Mijn ervaringen hadden me een ander wereldbeeld gegeven, verwant aan het ‘kincentric’ perspectief van inheemse culturen: alles is uniek, alles is verwant, en alles verdient respect. Voor mij waren dieren geen tweederangs aardbewoners, maar familieleden.

Uiteindelijk leidde dat naar een studie biologie en later een doctoraat in de ecologie. Die diepe nieuwsgierigheid naar de meer-dan-menselijke wereld heeft mijn blik blijvend gevormd.”

Uitgelichte quote

Natuurlijke intelligentie vertegenwoordigt voor mij de intelligentie van het leven zelf
Takken Leen Gorissen: “Voor mij waren dieren geen tweederangs aardbewoners, maar familieleden.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Leen Gorissen “Toen leraren op de lagere school zeiden dat de mens de meest intelligente soort is en boven al het andere leven staat, voelde ik elke cel in mijn lichaam protesteren.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Je werkt veel met het begrip ‘Natuurlijke Intelligentie’. Waar staat dat precies voor?

“Natuurlijke intelligentie vertegenwoordigt voor mij de intelligentie van het leven zelf. Het is de kunst en kunde om de Aarde gezonder, rijker, vitaler en meer levensvatbaar achter te laten dan voorheen – zonder vervuiling, uitputting of degradatie.

Kijk je naar 3,8 miljard jaar evolutie, dan zie je een patroon dat zo oud is als het leven zelf: soorten die vandaag nog steeds bestaan, ondanks miljoenen jaren van verandering en disruptie, zijn degenen die de Aarde beter achterlaten dan ze haar aantroffen. Walvissen koelen de planeet, paddenstoelen maken regen, termieten vergroenen de woestijn. Die soorten die het langst stand houden zijn niet de sterksten of de slimsten, maar degenen die bijdragen aan het grotere geheel: wereldbouwers, geen roofbouwers.

Dit laat zien dat de intelligentie van het leven niet gericht is op louter overleven, duurzaamheid of efficiëntie, maar op regeneratie: het versterken van de levenskracht van het geheel. Het leven floreert door te investeren in de omstandigheden die nieuw leven mogelijk maken. Dat geeft ons een heel nieuwe kijk op innovatie, want wij doen vandaag precies het tegenovergestelde. 

Natuurlijke intelligentie gaat daarom over de wetenschap en de logica van levende systemen: hoe ze door de tijd heen steeds meer worden, meer kunnen en meer bereiken. Levende systemen creëren namelijk het tegenovergestelde van entropie: ze scheppen meer orde, meer integratie en meer kunde.”

Uitgelichte quote

Het leven is niet gericht op louter overleven, duurzaamheid of efficiëntie, maar op regeneratie
Planten “Walvissen koelen de planeet, paddenstoelen maken regen, termieten vergroenen de woestijn.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Leen Gorissen Leen Gorissen: “Alleen wat wederkerig, regeneratief en weerbaar is, kan blijven bestaan.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Wat is voor jou het verschil met biomimicry 

Biomimicry wordt meestal ingezet als een ontwerpbenadering waarbij we de natuur imiteren om menselijke problemen op te lossen. Bijvoorbeeld: kunnen we van uilen leren hoe we windmolens en ventilatoren stiller maken? Het verschil met Natural Intelligence zit in de diepgang van de relatie met het leven zelf: kijken we van buitenaf naar de natuur om haar te kopiëren, of leren we van binnenuit deelnemen aan haar logica en evolutie? De natuur is dus niet langer het achtergronddecor van de mens om te beheren en te beheersen, maar een volwaardige en wijze partner in co-creatie en co-evolutie.”

Uitgelichte quote

De natuur gaat nooit terug naar wat was

Waarom is Natural Intelligence per definitie regeneratief?

“Regeneratie wordt vaak verward met herstel of restauratie, maar de natuur gaat nooit terug naar wat was. Als een bos afbrandt, groeit er een nieuw bos terug dat er anders uitziet dan het oorspronkelijke – én beter uitgerust is om in de toekomst met vuur om te gaan.

Levende systemen groeien dus niet alleen fysiek, ze worden ook meer volwassen door de tijd heen en leren beter omgaan met verandering, complexiteit en disrupties. Dat is de essentie van regeneratie: een systeem wordt meer, kan meer en wordt vaardiger door de tijd heen. Het leven ontwikkelt nieuwe vaardigheden waardoor het ‘probleem’ ophoudt een probleem te zijn. Regeneratie is daarmee een evolutionair fenomeen – niet terug-naar-vroeger, maar vooruit-naar-beter.

Het vertrekt dus vanuit een andere logica: niet vanuit een probleem, maar vanuit potentie. Wat kan dit worden als het potentieel helemaal tot bloei mag komen? Denk aan wanneer je leert autorijden: je moet kijken in de richting waar je naartoe wilt, niet naar de obstakels. Focus je op de hindernissen, dan wordt je daar naartoe getrokken. In innovatie werkt het net zo. Toch blijven we ons blindstaren op het oplossen van problemen, waardoor we volledig kwijt zijn waar we naartoe willen.”

Uitgelichte quote

Regeneratie is een evolutionair fenomeen – niet terug-naar-vroeger, maar vooruit-naar-beter
Leen Gorissen: “Alles is uniek, alles is verwant, en alles verdient respect.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Welke richting moeten we op, bijvoorbeeld in de economie?

“De opgave is eigenlijk vrij eenvoudig: we moeten de zelfvernietigende logica van onze westerse economie vervangen door de levensbevorderende logica van levende systemen. En dat begint bij ons wereldbeeld. De mens is geen verheven soort die boven of buiten de natuur staat, maar – zoals Thich Nhat Hanh het mooi zegt – een verweven soort. We zijn geen heersers over deze planeet, maar onderdeel van een levend landschap, en hebben dus een verantwoordelijkheid om waarde toe te voegen aan onze omgeving. Een inzicht dat inheemse culturen ons al eeuwenlang proberen bij te brengen.

Wanneer we dat principe serieus nemen, veranderen onze drijfveren radicaal. Dan draait economie niet langer om de vraag: ‘wat kunnen we uit de Aarde halen?’, maar om: ‘wat kunnen we bijdragen?’ In de natuur voegt elk deel waarde toe aan het geheel waarin het is ingebed, en ontvangt het daardoor voeding terug. Dat is de basis van waardecreatie die volhoudbaar is op de lange termijn.

Biologie is daarmee de oudste economie: een huishouding die al miljarden jaren standhoudt en de Aarde niet uitput, maar juist rijker achterlaat.”

Uitgelichte quote

De vitaliteit zit in het geheel, niet in de afzonderlijke onderdelen
Leen Gorissen Leen Gorissen: “Kijken we van buitenaf naar de natuur om haar te kopiëren, of leren we van binnenuit deelnemen aan haar logica en evolutie?” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Hand “We moeten de zelfvernietigende logica van onze westerse economie vervangen door de levensbevorderende logica van levende systemen” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Je gebruikt het menselijk lichaam vaak als metafoor voor zo’n levend economisch systeem.  

“Ja, want een menselijk lichaam kan alleen gezond blijven als er een gebalanceerde afstemming – een economie – bestaat tussen de belangen van de onderdelen en die van het geheel. Het lichaam kent geen ‘rijke’ of ‘arme’ cellen of organen; geen enkel onderdeel van een gezond lichaam verwerft zijn welzijn ten koste van andere delen. De vitaliteit zit in het geheel, niet in de afzonderlijke onderdelen.

Zolang het lichaam gezond functioneert, vallen ecologie en economie samen: er is geen conflict. Dat geldt voor elk gezond levend systeem: je gemeenschap, de organisatie of het bedrijf waarvan je deel uitmaakt, het landschap, de bioregio waarin je stad is ingebed… Zelfs het grootste levende systeem dat we kennen – onze planeet – werkt volgens diezelfde logica.

Onze huidige economie gedraagt zich echter alsof ze losstaat van de ecologie en van het grotere geheel. De enige andere entiteit die dat doet, is een kankercel. Het enige doel van kankercellen is groei – zonder rekening te houden met of waarde toe te voegen aan het lichaam waarvan ze deel uitmaken. Dat is de kern van een terminaal systeem. Want alleen wat wederkerig, regeneratief en antifragiel is, kan op de lange termijn blijven bestaan.

De vraag is dus: kunnen we de wetenschap van levende systemen benutten om de grote uitdagingen op te lossen, of blijven we vasthouden aan een verouderd paradigma dat goed is met delen, maar niet met gehelen?”

Uitgelichte quote

Stel je voor dat onze economie zo zou functioneren: elke relatie wederkerig, elk deel investeert in het geheel, elk bijproduct bevorderend voor het leven

Wat betekent dit alles voor bedrijven en organisaties?

“Net zoals onze economie opereren de meeste bedrijven alsof ze in een vacuüm bestaan. Ze voegen geen waarde toe aan hun leefomgeving, maar onttrekken die. De Aarde is vaak hun grootste investeerder, maar krijgt hiervoor niets van waarde terug. Wat ze wel krijgt, zijn een heleboel ziekmakende neveneffecten. 

Dit blijft een enorme blinde vlek. We zijn geconditioneerd om in directe effecten te denken: A leidt tot B, B tot C. Maar elke actie brengt ook indirecte effecten voort. Het bijproduct van het verbranden van fossiele brandstoffen is klimaatverstoring. Het bijproduct van de productie van plastic is een oceaan vol microplastics die de mariene zuurstofproductie verstoren.

In de natuurlijke wereld zien we dat het ook anders kan. De samenwerking tussen bomen en fungi werkt al meer dan 300 miljoen jaar. Bomen zetten zonlicht om in suikers; fungi kunnen geen zonlicht benutten, maar hebben toegang tot mineralen. Ze ruilen suikers en mineralen, waardoor beiden toegang krijgen tot veel meer hulpbronnen dan wanneer ze afzonderlijk zouden opereren. En de bijproducten? Die zijn levensbevorderend: zuurstof, bouwmaterialen, voedsel, medicijnen.

Deze handelsassociatie tussen bomen en zwammen laat de planeet in zijn geheel dus beter achter. Stel je voor dat onze economie zo zou functioneren: elke relatie wederkerig, elk deel investeert in het geheel, elk bijproduct bevorderend voor het leven. Dat is de logica van levende systemen – en het soort economie dat kan blijven bestaan op de lange termijn. Want in gezonde systemen leeft geen enkele soort enkel voor zichzelf.”

Uitgelichte quote

Er is geen CEO of manager die zebra’s of gazellen aanstuurt tijdens hun jaarlijkse migratie
Uitzicht Leen Gorissen: “Het leven ontwikkelt nieuwe vaardigheden waardoor het ‘probleem’ ophoudt een probleem te zijn.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Boom “We zijn geen heersers over deze planeet, maar onderdeel van een levend landschap.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Zelforganisatie is daarbij cruciaal, schrijf je in je boek Natural Intelligence.

“Dat is een ander principe van Natural Intelligence. In de natuur verrichten levende systemen complexe taken zonder top-down hiërarchie of centraal management. Er is geen koningin-bij die taken uitdeelt, geen dirigent-spreeuw die instructies geeft tijdens een murmuratie – de spectaculaire zwermdans van honderden of duizenden spreeuwen. Er is geen CEO of manager die zebra’s of gazellen aanstuurt tijdens hun jaarlijkse migratie… Het werkt dankzij eenvoudige regels die elk individu volgt, zonder centraal gezag. Toch ontstaat daaruit complex, gecoördineerd en veerkrachtig gedrag. Simpele regels vertegenwoordigen namelijk een soort bronpatroon van zelforganisatie in de natuur: ze maken collectieve intelligentie mogelijk zonder hiërarchie, en laten zien dat complexiteit niet vraagt om complex bestuur, maar om heldere, gedeelde lokale afspraken en intenties. 

Bijvoorbeeld: ‘Werk in relatie, niet in isolatie’ en ‘Voeg waarde toe aan het grotere geheel’. Het zijn eenvoudige richtlijnen die het systeem de ruimte geven om zichzelf te organiseren – en voorkomen dat het vastloopt in regels en protocollen die onze motivatie, energie en levensvreugde ondermijnen. We zijn geen ‘cogs in the machine’. 

Elk levend systeem – of het nu een dier, een mens of een plek is – heeft een unieke essentie, die enkel tot bloei komt wanneer ze haar eigenheid mag uitdrukken, niet wanneer ze tot uniformiteit wordt gedwongen. Daarom begint regeneratief werk altijd met de kernvraag: wat is de unieke essentie van het levende systeem waarin je werkt? Elke plek, organisatie of gemeenschap vraagt om een eigen aanpak. Vergeet best practices – het leven verdraagt geen eenheidsworst.”

Uitgelichte quote

Complexiteit vraagt dat we leren vertrouwen op relaties in plaats van controle

Dit vraagt om leren denken in complexiteit. Waarom vinden we dat zo ingewikkeld? 

“Complexiteit vraagt dat we leren leven met paradoxen, dat we leren vertrouwen op relaties in plaats van controle, en dat we niet-weten durven toelaten als bron van inzicht. Dat vraagt innerlijke volwassenheid: de capaciteit om spanning te dragen zonder die onmiddellijk te willen oplossen.

Toekomstgericht denken is daarom ontwikkelingsdenken. Hoe kunnen wij als mens meer volwassen worden zodat we beter leren omgaan met complexiteit, zonder telkens in de valkuil van duaal denken te trappen? Hoe kunnen we zorgzamer worden en verantwoordelijkheid nemen voor de gezondheid van de levende systemen waarvan we deel uitmaken? Welke vaardigheden moeten we ontwikkelen om onze rol als ‘keystone species’ opnieuw op te nemen? Je kunt immers geen uitwendige systemen transformeren zonder zelf innerlijk te veranderen.”

Uitgelichte quote

We moeten dringend en op grote schaal thuiskomen op onze eigen planeet
Vogels
“Regeneratie: het versterken van de levenskracht van het geheel.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Leen Gorissen
Leen Gorissen: “Kunnen we de wetenschap van levende systemen benutten om de grote uitdagingen op te lossen?” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Welke sectoren zijn volgens jou het meest klaar om regeneratief te worden?

“Regeneratie start in ons denken: het ontleren van degeneratief denken en doen, en het aanleren van nieuwe manieren van kijken, denken en plannen. Voor mij begint regeneratie daarom bij educatie.

Het verbaast me elke dag hoeveel achterhaalde denkkaders we blijven onderwijzen. We leren studenten nog steeds toxische chemie, we leren hen dat natuur iets buiten de mens is, en we doceren economisch denken dat onvermijdelijk tot degradatie leidt. 

Tegelijkertijd zijn we zo losgekoppeld van onze plekken en onze leefomgeving dat we dringend en op grote schaal moeten thuiskomen op onze eigen planeet. We gedragen ons nu alsof we hier niet thuishoren. ‘Becoming Indigenous to place’, zoals ze in het Engels zeggen, is daarom even essentieel.”

Uitgelichte quote

Niet een ‘economy of scale’, maar een ‘economy of place’: een lokale economie die in harmonie werkt met de planeet

Leg eens uit hoe je dat doet.

“We moeten onze plek opnieuw leren kennen: hoe is ze ontstaan – geologisch, hydrologisch, biologisch en cultureel? Wat is haar rol in het grotere geheel? En wat moeten wij als mens doen om de vitaliteit van die plek te vergroten?

Toen we voor ons regeneratieve landschapsherstelproject in Frankrijk onderzochten wat de eigenheid en geschiedenis van de plek is, ontdekten we dat ze deel uitmaakt van een brongebied: een landschap waar beken en rivieren worden geboren. Zo’n plek speelt een cruciale rol in de waterhuishouding, en die waterkringlopen zijn weer bepalend voor klimaatregulatie. Wat wij daar doen, kan die rol verstoren of juist versterken. Vanuit dat inzicht kunnen we ons organiseren op een manier die deze planetaire processen centraal stelt. Dan vertrek je niet vanuit een ‘economy of scale’, maar vanuit een ‘economy of place’-logica: een lokale economie die in harmonie werkt met de planeet.

Het begint dus met een aantal eenvoudige maar fundamentele vragen: hoe is de plek gevormd, wat is haar betekenis in het grotere geheel, en wat moeten wij ondernemen om haar levenskracht en waardetoevoegende rol te versterken?”

Uitgelichte quote

Welke vaardigheden moeten we ontwikkelen om onze rol als ‘keystone species’ opnieuw op te nemen?
Leen Gorissen: “We blijven ons maar blindstaren op het oplossen van problemen, waardoor we volledig kwijt zijn waar we naartoe willen.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Wat zou je willen meegeven aan jonge pioniers die beginnen met regeneratief werk? 

“Regeneratie gaat niet om het herstellen van ‘de natuur daarbuiten’, maar om het herstellen van onze relatie ermee. Het begint dus niet bij ‘doen’, maar bij ‘ontwaken’ – bij het herinneren dat je zelf deel uitmaakt van een veel groter levensweb en daar een unieke bijdrage aan kunt leveren.

Stel jezelf daarom de vraag: ‘Waar komt mijn talent in dienst van iets groters?’ Dan wordt elk handelen een vorm van meewerken aan het grotere proces van het leven zelf.”

Uitgelichte quote

Mijn focus ligt niet op hoe het allemaal zal aflopen, maar op de vraag of ik gedaan heb wat ik moet doen

Ter afsluiting: Hoe blijf je hoopvol in een tijd waarin veel mensen vooral dreiging zien?

“Ik probeer bewust afstand te nemen van de denkfouten en valkuilen van deze tijd, en mijn aandacht te richten op mijn rol binnen het grotere geheel. Ik besef dat ik geen controle heb over hoe de toekomst zich ontvouwt, maar ik heb wel invloed op wat ik hier en nu doe — en hóe ik het doe.

Mijn focus ligt daarom niet op hoe het allemaal zal aflopen, maar op de vraag of ik gedaan heb wat ik moet doen. Dat besef schept ruimte: het vervangt machteloosheid door betrokkenheid, en hopeloosheid door betekenis.”

Meer weten? Lees ook ons interview met Kees Klomp, waarin hij pleit voor het Ecoliberalisme.

Oorspronkelijke publicatiedatum: 11 december 2025. Laatste update: 13 januari 2026. 

Wie is Leen Gorissen?

Leen Gorissen (1976) is bioloog, onderzoeker en auteur, en de grondlegger van Centre4NI, een organisatie die bedrijven, overheden en gemeenschappen ondersteunt in het toepassen van ‘Natural Intelligence’. Haar werk draait om het idee dat leven zelf – via soorten die al honderden miljoenen jaren overleven – een kompas biedt voor innovatie, organisatie en economie.

 

In haar boek Natural Intelligence presenteert Leen hoe levende systemen regeneratie bevorderen en hoe bedrijven hiervan kunnen leren. Met haar aanpak nodigt ze uit tot een fundamentele verschuiving: van de mens als externe beheerder van de natuur, naar de mens als onderdeel van een levend geheel.

Leen Gorissen
Leen Gorissen: “Onze huidige economie gedraagt zich alsof ze losstaat van de ecologie en van het grotere geheel.” Fotograaf: Gabriela Hengeveld