Geert van der Veer: “Waarom passen we het landschap altijd aan het boerenbedrijf aan, en niet andersom?”

longread

“Waarom passen we eigenlijk altijd het landschap aan het boerenbedrijf aan, en niet andersom?”

Tekst Paul Q. de Vries Fotografie Gabriela Hengeveld Interviewer Mark Aink Gepubliceerd 8 juli 2024 Leestijd 12 minuten

Een van de meest actieve doeners op het gebied van de landbouwtransitie is Geert van der Veer. Met Aardpeer, Herenboeren, Caring Farmers, Stichting Plaatsen Nederland, het Groenboerenplan en meer verandert hij het landbouwsysteem – van binnen en van buiten. Een gesprek over leerreizen, voedsel als paard van Troje en het wonder van de eikel en de eikenboom.

Je bent met zoveel initiatieven en projecten tegelijk bezig – waar komt jouw dadendrang vandaan?

“Dan moet je uiteindelijk terug naar mijn scholing. Ik moest van mijn decaan naar de universiteit, biologie en ecologie studeren. Maar ik wilde iets met mijn handen doen, dus ik ging naar de Hogere Agrarische School, de HAS. Ik ben dus gewoon opgeleid tot een traditionele boer. Maar ik had wel een soort verbazing in mijn achterhoofd, die is uitgegroeid tot de hoofdvraag die ik me nu stel: waarom passen we eigenlijk altijd het landschap aan het boerenbedrijf aan, en niet andersom? En die vraag kwam toch weer voort uit ecologisch denken.”

Uitgelichte quote

Ik hoef geen nieuwe dingen te onderzoeken, het ontbreekt gewoon aan mensen die iets doen met bestaande inzichten

Waarom ben je zo gefascineerd door ecologie?

“Ik heb van mijn 11e tot mijn 27e rondgelopen op een boomkwekerij. Het heeft me altijd mateloos gefascineerd dat je een minuscule eikel in de grond stopt die dan over lange jaren uitgroeit tot een reusachtige eik. Zonder dat de grond ooit ‘opgebruikt’ raakt. Waar komt de voeding dan vandaan? Ik ben gaan leren over ecologische kringlopen en samenhang. Dat systemen met complexere samenhangen ook de stabielere systemen zijn. En ik ben gaan beseffen hoe wonderlijk het is dat ons voedsel op dezelfde manier uit de grond komt. Zelfs als je vlees eet, want dieren worden ook gevoed vanuit de grond. Ik heb het altijd prachtig gevonden: ons eten komt gewoon uit de grond. Dit is dus het wonder dat onze planeet te bieden heeft! Toen ben ik gaan denken: ik hoef geen dingen te onderzoeken, het ontbreekt gewoon aan mensen die iets doen met deze inzichten. Nou, daarom ben ik zo’n doener.”

Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Doener Geert van der Veer steekt z'n handen uit de mouwen voor de landbouwtransitie. Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Verklaart het ook je onvrede over het systeem van intensieve landbouw?

“Als je het over People, Planet en Profit hebt, dan miste ik tijdens mijn opleiding wel heel erg die P van Planet. Maar als je boeren onder People rekent, zit daar ook van alles mis. We leerden het riedeltje van drie: drie miljoen investeren, drie ton omzetten, en slechts een winst van 30.000 euro. Maar hoe kun je zoiets ooit volhouden als de grondprijzen stijgen en de investering dus steeds hoger moet zijn? Toen al was duidelijk dat er van de euro die we in de supermarkt uitgeven, veel meer bij de boer terecht moet komen. Je moet in die hele landbouwketen gaan herverdelen waar het geld terechtkomt. En het werd me ook steeds duidelijker dat we dit radicaal moeten gaan aanpakken.”

Uitgelichte quote

Mensen zijn totaal niet meer betrokken bij waar hun voedsel vandaan komt

Waarom radicaal?

“De boeren zitten zo vastgeketend aan de regels en voorwaarden van het systeem, van die keten. Stel: je hebt tonnen opbrengst aan bijvoorbeeld aardbeien van je land. Daarvan mag je maar een paar procent in een andere markt afzetten en moet je het overgrote deel, tot wel 90 procent, naar de veiling brengen. Ga je daar overheen, dan is er een boeteclausule en wordt het contract verscheurd. Als dat de context is, kun je niet hopen op geleidelijke overgangen. Dan heb je het over systeemfalen en moet het dus radicaal anders. Daar kwam nog iets bij. Ik heb vroeger veel streekfestivals georganiseerd, met boeren, muziek, en het algemene publiek. Dan vroegen we mensen bijvoorbeeld: weet je hoe een spruitje groeit? En de verbijsterende conclusie is dat 90 procent van de mensen dat niet weet. Dat een spruitje aan een stam groeit en dat je daar een aantal keer van kan oogsten en dat de bovenste krop van die spruit veel lekkerder is dan al die spruitjes die lager zitten. We moesten erkennen dat mensen totaal niet meer betrokken zijn bij waar hun voedsel vandaan komt.”

Herenboerderij Kleine Aarde. Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Wat is volgens jou het belangrijkst in het opnieuw vormgeven van de landbouw?

“Waar het allemaal om draait, wat altijd centraal moet staan, is de bodem. Terug naar die eikel en de eik, zou je kunnen zeggen. De agro-ecologische benadering, circulariteit: telkens is de bodem de kern. Maar je hoort weleens: we weten meer over de sterren boven ons hoofd dan van de bodem onder onze voeten. Dus er valt nog heel veel te leren en te onderzoeken, door wetenschappers en boeren. Maar als je je in de bodem gaat verdiepen, loop je tegen nog veel meer interessante aspecten aan. Van wie is de bodem eigenlijk, wie bepaalt de spelregels? Er is vaak privaat eigendom, maar beïnvloed door allerlei publieke wettelijke regels. Je gaat nadenken over de commons, de gemene gronden: zou grond niet een hulpbron in gemeenschappelijk bezit moeten zijn? Zou voedselproductie geen nutsvoorziening moeten zijn? Biologisch voedsel is het beste voor de mens en de planeet, maar marketing-technisch geldt het als een soort luxeproduct waar je meer voor moet betalen. Hoe kan dat?”

Hoe pak je het aan om veranderingen voor elkaar te krijgen?

“We zijn op al die genoemde gebieden gewoon gaan experimenteren.  Wat voor nieuwe concepten kunnen boeren ontwikkelen, hoe krijgen anderen toegang tot grond, hoe kunnen we die publieke spelregels die de overheid maakt beïnvloeden, en ga maar door. En dat kreeg vorm in Herenboeren, Aardpeer, Groenboerenplan en andere initiatieven. Ik weet niet of ik gelijk heb, we gaan het doen en we zien wel. Al die initiatieven zijn feitelijk leerreizen, zoals ik het noem, naar de toekomst van de landbouw.”

Geert van der Veer: "Waar het allemaal om draait, wat altijd centraal moet staan, is de bodem." Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Hoe zie jij de toekomst van de landbouw?

“Ik maak onderscheid tussen de korte, de middellange en de lange termijn. Op de allerkortste termijn moeten we het voedselsysteem gaan herdefiniëren, zodat burgers daarin ook een rol krijgen. Denken in termen van gemeenschap, coöperaties, collectieven, de commons. Voedselproductie zo vormgeven dat het meer een nutsvoorziening wordt en minder een private winstgerichte onderneming. Er wordt al op allerlei plekken mee geëxperimenteerd: pluktuinen, Community Supported Agriculture, gemeenschappelijk eigendom, enzovoort. Consumenten leren hun marktmacht kennen en realiseren zich dat ze daarmee eisen kunnen stellen aan het systeem. Niet iedereen hoeft meteen mee te doen: het belangrijkst is dat je een actieve voorhoede hebt. Waarbij we mensen uiteindelijk een zeer overtuigende prikkel kunnen bieden: stap nu maar in bij dit soort initiatieven, want het maakt je eten goedkoper. Dat is een reële uitkomst als het winstoogmerk niet meer centraal staat.”

En hoe zie je het voor je op de middellange termijn?

“Op die termijn moeten we probleemdossiers als stikstof, CO2 en verlies van biodiversiteit oplossen. De landbouw kán dat dan ook doen, omdat de transacties in de keten herverdeeld zijn en burgers deelnemen aan de voedselproductie. Als er meer euro’s bij de boer landen, kan de burger eindelijk ook meer van hem vragen. Bijvoorbeeld dat hij met zijn grond ook de biodiversiteit gaat stimuleren. Als we gaan werken in zulke collectieven, in zulke modellen, heb je het uiteindelijk niet meer over een prijs per product dat uit de akker wordt gehaald, maar over een vergoeding per hectare. En die hectare kun je ook aanwenden voor bloemrijke akkerranden, bijvoorbeeld.”

   
Herenboerderij Kleine Aarde. Fotograaf: Gabriela Hengeveld

En tenslotte op de lange termijn?

“Op de lange termijn ga je kijken hoe je landbouwsysteem onderdeel is van het regionaal landschap, en koppelen we ecologie, water en recreatie aan elkaar. Dat is de termijn waarbij we het hebben over idealen. Dat moet je niet op de korte termijn doen, dan wordt het wensdenken en is het niet meer realistisch. Maar uiteindelijk moeten we dat soort vragen wel beantwoorden: hoe zorgen we voor elkaar en voor het gebied waar we wonen? Waarbij al die termijnen elkaar beïnvloeden: het zoeken van mensen die mee willen doen op de korte termijn, de oplossingen en het realisme van de middellange termijn en de idealen van de lange termijn. Vooral ook dat laatste: we moeten niet verzaken in het verbeelden van hoe de wereld eruitziet waarin we willen leven.”

Uitgelichte quote

We moeten niet verzaken in het verbeelden van hoe de wereld eruitziet waarin we willen leven

Wat frustreert jou het meest aan het verloop van de transitie die we moeten maken?

“Dat we met zijn allen meedraaien in processen die ik niet kan uitleggen aan mijn eigen kinderen. Waarom vergiftigen we de grond, waarom zijn de verdiensten zo oneerlijk verdeeld, waarom gooien we het niet sneller over een andere boeg? De politiek frustreert me ook: we schijnen maar niet integraal te kunnen denken over samenhangende problemen. We hebben jarenlang een minister-president gehad die weigerde een visie te ontwikkelen, en zich daarop ook liet voorstaan.”

Geert van der Veer. Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Geert van der Veer: "Ons voedsel is op veel manieren de kern van hoe we leven en van wat we doen." Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Hoe kun je iets wat zo groot en complex is als het landbouwsysteem veranderen?

“Het begint met de feitelijke constatering dat het systeem niet werkt. De markt gaat de problemen met intensieve landbouw niet oplossen, en de technologie ook niet. Je moet het probleem van zo’n niet-werkend systeem van binnen en van buiten aanpakken. Je kunt niet alleen maar mensen buiten het systeem hebben die alternatieven aan het ontwikkelen zijn, je hebt ook mensen nodig die aan de binnenkant roeren en prikken om ander denken af te dwingen. Ik persoonlijk heb de voorkeur om van buitenaf te werken. Maar soms opereer je ook binnen het systeem, bijvoorbeeld als we vanuit Caring Famers, onderdeel van het Groenboerenplan, lobbyen bij de overheid. Als je telkens komt vragen en je hand ophoudt, zeg je eigenlijk dat je afhankelijk van ze bent. Daarmee bestendig je in zekere zin de macht en dus ook het systeem. Dus liever zeggen we: we zijn met dit initiatief bezig, dit is het plan, zo gaat het eruitzien, doe je mee? Dat is een fundamenteel andere benadering dan zeggen dat je een probleem ziet en de overheid vragen dat op te lossen.”

Uitgelichte quote

Ik geloof echt dat werken met je handen in de grond tot mentaliteitsverandering leidt

Wat is de belangrijkste conclusie die je zelf trekt uit je leerreizen?

“Dat ons voedsel op veel manieren de kern is van hoe we leven en van wat we doen. Als je het voedselsysteem adresseert, haal je eigenlijk een soort paard van Troje binnen, want dan moet je het ook gaan hebben over biodiversiteit, over klimaat, over armoede, over machtsverschillen. En dat ons hele denken op de lange termijn eigenlijk pas kon beginnen toen we de landbouw uitvonden. Voor die tijd moesten we ons elke dag druk maken of we wel te eten hadden, maar als je voorraadschuur vol ligt met graan verandert dat. In de geschiedenis was dat een kantelpunt, en nu moeten we op precies hetzelfde onderwerp nog een keer kantelen. En dat kan ook goed, juist via de landbouw.”

Herenboerderij Kleine Aarde. Fotograaf: Gabriela Hengeveld
Fotograaf: Gabriela Hengeveld

Hoe bedoel je dat?

“Ik sprak onlangs iemand die een nieuwe baan had, ik feliciteerde hem, en toen zei hij dat het door mij kwam. Wat bleek? We hadden ooit samen tussen de rode kool staan schoffelen. We bespraken hoe de ene kool verpieterde door de hitte, de andere door UV-licht. Daardoor ging hij denken over afhankelijkheden, over ecologie, en ging hij zich vragen stellen. Waarom moet je door zeven lagen verpakkingsmateriaal voordat je bij je eten bent? Wil ik nog wel deel uitmaken van die sector? Hij ging andere levenskeuzes maken en werkt nu in de zorg. En dat allemaal door die rode kool. Ik geloof echt dat werken met je handen in de grond leidt tot mentaliteitsverandering.”

Leidt zo’n mentaliteitsverandering ook tot het herstel van verbindingen?

“Absoluut. Het verbindt mensen met hun voedsel, met natuur. Ik zal nooit zeggen dat we in het onderwijs schooltuinen moeten stimuleren omdat we te weinig wéten over ons voedsel. Nee, we moeten dat doen omdat het zelf telen van voedsel een mentaliteitsverandering teweeg brengt. Je gaat je meer verbonden voelen met de grotere verbanden in de wereld. Waarom vormen we het landschap om naar ons bedrijf, in plaats van andersom? Waarom laten we de Aarde niet bepalen wat we kunnen eten? Via ons voedsel kunnen we heel veel van de problemen die we nu hebben uitleggen, en ook oplossen. En kom je ook op kwesties als leren verdelen, herverdelen, en de gemeenschap weer centraal stellen. En op niet alleen ecologische verbinding, maar ook sociale verbinding.”

Oorspronkelijk gepubliceerd op 22 februari 2024. Laatste update: 8 juli 2024.

Wie is Geert van der Veer?

Geert van der Veer is de drijvende kracht achter talloze initiatieven op het gebied van de landbouwtransitie. Hij is voorzitter van Stichting Herenboeren, waarbij huishoudens en boeren in een coöperatie gezamenlijk voedsel produceren. Met Aardpeer wil hij toegang tot grond voor ‘natuurgedreven, sociaal verbonden en economisch gedragen’ initiatieven stimuleren, via Caring Farmers helpt hij boeren over te stappen naar kringlooplandbouw. Als voorzitter van Stichting Plaatsen Nederland bevordert hij een netwerk van ‘doeners, denkers en makers’ voor het voedselsysteem van morgen. Tenslotte is hij actief binnen het Groenboerenplan.

Geert van der Veer. Fotograaf: Gabriela Hengeveld