Koken met de eerste groentepakketten van het seizoen: deze 8 recepten helpen je op weg

Sophie Fleur Jongebloed
longread

Koken met de eerste groentepakketten van het seizoen: deze 8 recepten helpen je op weg

Tekst Sophie Fleur Jongebloed Fotografie Gabriela Hengeveld Gepubliceerd 29 april 2024

Geniet je ook zo van de lente, maar weet je niet zo goed wat je met de meirapen, peulen en radijzen uit je groentepakket aan moet? Met deze vegetarische recepten helpt chef en schrijfster Sophie Fleur Jongebloed je op weg. 

Op papier is het makkelijk om de lente te romantiseren. Het voelt als het meest dromerige seizoen. Waar de winter langzaam kabbelt, naar binnen keert en ons overlevert aan knobbelige knollen, is de lente levendig en licht, uitbundig en adembenemend mooi. Het is het begin van alles en zo hoopgevend. Boer en chef Julius Roberts verwoordt het in The Farm Table (aanrader!) als een seizoen van ‘buitengewone transformatie, waarin het scherpe pantser van de winter wegsmelt in de honingachtige waas van de zomer.’

Een zalig tussenstation dus. Maar ook uitputtend als je op het land werkt. Er moeten zaadjes de grond in, en wel nu! De lammeren laten niet op zich wachten en de groentepakketten moeten worden klaargemaakt. Want de honger naar fris, groen, licht en knapperig is niet te stoppen.

Mogen we direct met asperges, aardbeien en rabarber aan de slag? Dat zouden we wel willen, maar het vroege voorjaar denkt daar anders over. We moeten ons nog even redden met meirapen, een handje peulen, bosjes radijzen en van die jonge, spillebeen preitjes. Het goede nieuws: ook die groenten kun je vieren, en wel met de juiste specerijen en smaakcombinaties. Met deze vegetarische recepten kun je aan de slag: 

Pasta met snijbiet en zwarte-knoflooksalsa met walnoot

Knakkende stelen en fris, stevig blad: check? Dan heb je een goede bos snijbiet te pakken. Je hoeft niks weg te gooien van deze regenboog-kleurige groente. De stengels hebben een lekkere beet en kun je roerbakken, fruiten, stoven of blancheren en smaken aards zoetig, naar biet, en de bladeren zijn een beetje spinazie-achtig. Voeg als je het blad én de stelen gebruikt in één gerecht, zoals deze pasta, het blad pas de laatste minuut toe, dat is voldoende.

 

Dan nog de zwarte knoflook. Laat je daar niet door intimideren! Het is ‘gewoon’ verse knoflook die een paar weken in een oven fermenteert en daardoor diepe umami smaken ontwikkelt. Het doet een beetje denken aan dropjes en balsamico. Heb je na dit recept een restje over? Klop het dan door zachte boter, maak een zwarte aioli voor bij de borrel, of ga voor een zwoele dressing.

Voor 2 | Klaar in een half uur

  • 250 g verse lasagnebladen*
  • 4 el olijfolie, verdeeld
  • 2 tenen knoflook, in plakjes
  • 1 bosje snijbiet, schoongemaakt en grof gesneden
  • 80 ml (haver)room
  • 1/2 sap van citroen
  • 3 tenen zwarte knoflook (bijv. van het merk Floky)
  • 100 g walnoot, geraspt
  • 25 g parmezaan geraspt
  • 1,5 el balsamico, van goede kwaliteit
  • 5 g dille, fijngehakt
  • rasp van een halve citroen

Driehoekjes snijden van pasta | Snijd de vellen lasagne een keer door de helft zodat je vierkantjes overhoudt, en snijd de vierkantjes dan nog eens diagonaal doormidden om driekhoekjes te maken.

Salsa vijzelen | Doe de zwarte knoflook in een vijzel en stamp helemaal fijn, tot een zwarte pasta. Doe er dan de walnoten bij en vijzel tot een grove textuur. Schep de parmezaan erdoor samen met het citroenrasp, balsamico, snuf zout en 2 el olijfolie. Zorg dat alles goed gemengd is tot een grove salsa. Voeg naar smaak meer olijfolie toe.

Snijbiet fruiten | Verhit in een koekenpan 2 el olijfolie. Voeg de knoflook toe en fruit 1 min. zonder dat de knoflook verkleurd. Schep de snijbiet erbij – eerst de stelen, dan het blad – laat slinken en voeg de room toe. Laat ca. 5 min. zachtjes inkoken. Breng op smaak met citroensap, dille en zout.

Pasta koken | Kook de pasta volgens de aanwijzingen op de verpakking beetgaar (dit is vaak iets korter dan de tijd die vermeld staat). Giet af in een vergiet en zet de pastapan terug op laag vuur. Doe de pasta terug in de pan, voeg het romige snijbietmengsel toe en warm 1-2 min. door. en schep goed door elkaar zodat alle pasta met saus bedekt is.

Serveren | Schep de pasta op twee borden en doe er lekker veel salsa overheen, zeker 3 el per persoon. Geef de rest van de salsa erbij. Restjes eet je de volgende dag op een boterham met geitenkaas (en gebakken snijbiet) of in de soep.

Tips :

* Uit verse lasagnebladen snijd je de leukste vormen: driehoekjes, dikke linten, hartjes… Kun je geen kant-en-klare vellen pasta vinden, of heb je geen zin om zelf pasta te maken, dan werkt dit gerecht net zo goed met een gedroogde buisjespasta.

 

 

Een grote pan met frisse munt-bonen

Dit is meer een workshop dan een recept. Een opzetje zodat je voortaan zelf bonen durft te koken. Let op dat ze echt goed gaar zijn voordat je ze eet, want rauwe bonen bevatten veel lectine: een stofje waardoor je last krijgt van je darmen. Goed verhitten, en je hebt gelukkig nergens meer last van! Een snufje asafoetida (hing) kan ook helpen, deze hars wordt in India bijna altijd toegevoegd aan peulvruchten om winderigheid te verminderen en een opgeblazen gevoel te verzachten.

Voor 4 | Klaar in een paar uur

  • 250 g (grote witte) bonen
  • 4 el extra vierge olijfolie
  • 1/2 tl karwijzaad
  • 1/2 tl ajwainzaad (of tijm/oregano)
  • 1/4 tl venkelzaad
  • 1 laurierblaadje
  • 1 tl zout (om mee te beginnen)
  • 1 ui in vier kwarten gesneden zonder schil
  • 4 tenen knoflook, geplet en gepeld
  • 1/4 tl kurkuma
  • 2 takjes munt
  • 1 guajillo chili (gedroogde chili), zonder zaden en zaadlijsten*, optioneel
  • boter (optioneel)
  • Voor erbij
  • yogurt
  • gezouten citroen
  • tahin
  • crispy chili
  • parmezaan
  • warme granen of brood

Weken | Wel de gedroogde bonen 1 nacht in ruim koud water, want let op: ze zetten uit. Giet ze de volgende dag af.

Specerijen fruiten | Verhit in een ruime pan de olijfolie en voeg de hele specerijen toe (karwij, ajwain, venkelzaad en het laurierblaadje – óf een eigen mix). Laat ze 1 a 2 min. fruiten tot ze geurig ruiken. Voeg dan de bonen toe samen met een ruime hoeveelheid water, ongeveer een liter. Voeg de ui, knoflook, kurkuma, munt, chili en flink wat zout toe. Breng net aan de kook. Draai dan het vuur zo laag mogelijk, zodat er nog een paar belletjes naar de oppervlakte borrelen en sudder zo de bonen in 1-1,5 uur beetgaar. Voeg eventueel nog wat extra olie of boter toe voor een extra sappige boon.

Extra zout | Voeg na een half uur nog een beetje zout toe en begin na 45 minuten te proeven op gaarheid én of de bonen niet flauw zijn (bonen hebben vrij veel zout nodig). Schep er zo nodig nog een beetje zout bij. Het is een fabeltje dat de schil dan hard blijft.

Serveren | Schepde bonen in een kom, eventueel met een portie gekookte granen (spelt, gort, rogge, freekeh enz.) of geef er brood bij en doe er een dot yoghurt bij, ingemaakte citroen en tahin. Ik vind een lepeltje chili crisp ook verrukkelijk.

Tips :

* Guajillo is een Mexicaanse gedroogde chili die vrij mild is, lekker fruitig en bijvoorbeeld ook goed combineert met chocolade. Je bestelt ze bij westlandpeppers.com of in de ruim gesorteerde toko.

 

 

Gemarineerde andijvie uit de oven met limoenbladpuree en seroendeng

Andijvie vind je echt alleen in Nederland. Alleen doen we er zo weinig mee… In plaats van stamppot is andijvie ook heerlijk als salade, in een roerbak, of als de Italiaanse chime di rapa vervanger: beleg eens een Italiaans broodje met gesmoorde andijvie, ricotta, chili en ansjovis of olijven. Misschien wat geraspte citroen erover en je waant je op een romantisch plein in Rome.

 

In dit Hollands-Indische recept marineer je de andijvie en gaat-ie daarna de oven in. Laat je niet afschrikken door de ingrediëntenlijst. De mirin kun je weglaten en de rijstwijnazijn mag vervangen worden door een ander zuurtje. Ga het vooral maken! En die limoenblaadjes (verkrijgbaar bij de toko), tja, die geven wel echt een unieke smaak en kun je heel lang in de vriezer bewaren. De moeite waard om aan te schaffen dus. Liever niet? Trek dan wat stukjes gember mee in de room en schep op het eind limoenrasp door de warme puree.

Voor 4 | Klaar in een uur

  • Voor de puree
  • 1 kg aardappels
  • 200 g (vegan) room
  • 4 limoenblaadjes, ingescheurd*
  • Voor de andijvie
  • 1 krop andijvie
  • 1 stukje gember, halve duimlengte, geraspt
  • 2 el mirin
  • 4 el sojasaus
  • 2 el ketjap
  • 2 tenen knoflook, geraspt
  • 2 el rijstwijnazijn
  • 2 tl korianderzaad, gemalen
  • 1 tl komijnzaad, gemalen
  • 2 el olijfolie
  • Voor de seroendeng
  • 50 g ongezouten pinda's, grof gehakt
  • 1 tl komijnzaad
  • 30 g kokosrasp
  • 1 el rietsuiker (of een andere ongeraffineerde suiker)
  • 2 limoenblaadjes, nerf verwijderd en in fijne reepjes gesneden
  • 1/4 tl gemalen kardemom
  • Voor de krokante tempeh (optioneel)
  • 200 g tempeh
  • 2 el plantaardige olie

Aardappels koken | Schil de aardappels – gooi de schil niet weg, die bak je met een beetje olie en zout tot een krokant chipje in de oven of airfryer – en snijd in gelijke stukken. Doe in een pan en giet er net zoveel koud water bij tot de aardappels onder staan. Voeg zout toe, 1 tl of meer naar smaak, en kook gaar. Giet de aardappels af en doe terug in de pan. Laat de aardappels in 2-3 min. droogstomen.

Limoenbladroom trekken | Doe de room in een pannetje samen met de limoenblaadjes. Breng aan de kook en draai dan direct het vuur omlaag. Laat 10 min. zachtjes trekken. Stamp ondertussen de aardappels fijn met de pureestamper of knijper. Voeg al stampend beetje bij beetje de limoenbladroom toe. Breng op smaak met zout en doe de deksel op de pan zodat de puree niet afkoelt.

Andijvie marineren | Verwarm de oven voor op 180°C. Was de andijvie en dep droog. Halveer de andijvie overlangs, en dan nog een keer zodat je vier kwarten overhoudt, zorg dat de stronk intact blijft. Verdeel de kwarten over een bakplaat. Maak de marinade door alle ingrediënten samen te mixen. Lepel de marinade over de andijvie en gebruik eventueel je handen om ervoor te zorgen dat elk blaadje is bedekt. Rooster de andijvie in 20 min. tot hij helemaal geslonken is en knapperige randjes heeft.

Optioneel tempeh bakken | Verhoog de oventemperatuur naar 200°C. Snijd de tempeh in kleine reepjes. Hussel om met 2 el olie en een snuf zout. Bak krokant in 15-20 min.

Seroendeng roosteren | Rooster de pinda’s in een droge koekenpan, neem uit de pan. Fruit de komijnzaadjes in dezelfde koekenpan tot ze beginnen te geuren. Schep de gemalen kokos erdoor en bak tot de kokos goudgeel kleurt. Doe de andere ingrediënten, inclusief de geroosterde pinda’s, erbij en bak nog 1-2 min. Breng op smaak met zout en laat afkoelen.

Serveren | Verdeel de aardappelpuree over de borden, leg op elk bord een kwart gemarineerde andijvie en strooi er seroendeng over. Lekker met krokante tempeh en een frisse kruidensalade met (zoetzure) radijsjes of komkommer.

Tips :

* Limoenblaadjes koop je bij de toko uit het vriesvak. Door ze in te scheuren ontwaak je de smaak. Voor de aardappelpuree trek je ze alleen mee en mogen ze daarna weg. Wil je ze liever helemaal opeten, dan kun je ze beter zonder de nerf fijn snijden.

 

 

Romige koolrabi slaw met baharat-bulgur en tuinbonen

Niet alle groenten winnen de schoonheidsprijs. Koolrabi ziet eruit als een alien met antennes op zijn kop, en dat kan toch vrij intimiderend overkomen als je er nog niet zo vaak mee hebt gekookt. Nergens voor nodig, want je kunt koolrabi beschouwen als een soort frisse knolselderij (ook al zo’n lelijk eendje).

 

Ik had eerst een koolrabi-gratin gemaakt, dat was lekker, maar rauw bleek de koolrabi toch meer in zijn element. Gekookt verdwijnt namelijk de superknapperige textuur en subtiele smaak van appel, citroen en radijsjes. Paars en groen zijn inwisselbaar, en de schil kun je er – in mijn optiek – beter vanaf halen met een dunschiller omdat het wat taai smaakt. Nu vergeet ik bijna te delen dat je zelfs de blaadjes kunt gebruiken. Gewoon fijnsnijden en als de bulgur nog warm is erdoorheen scheppen, zodat het een klein beetje slinkt.

Voor 2 | Klaar in een half uur

  • Voor de bulgur
  • 2-3 el olijfolie
  • 1 laurierblad
  • 1/2 stokje Ceylon kaneel
  • 1 ui in halve ringen
  • 1 teen knoflook, in plakjes
  • 2 tl baharat*
  • 400 g tomaten in blik, gepureerd (het liefst van Mutti)
  • 250 ml water
  • 250 g grove bulgur
  • 1/2 tl zout
  • een handje (dubbel)gedopte tuinbonen (optioneel)
  • Voor de koolrabi slaw
  • 1 tl gedroogde munt, verkruimeld
  • 1/2 tl sumak
  • 1/4 ingemaakte citroen, vruchtvlees verwijderd en fijngesneden
  • 1 tl knoflook, geraspt
  • 3 el volle yogurt
  • 1 el ongeroosterde tahin
  • 1/4 tl karwijzaad
  • 2 el olijfolie
  • 1 koolrabi, geschild en in blokjes gesneden
  • sap van 1/2 citroen

Kook de tomaten-bulgur | Verhit de olijfolie in een ruime steel- of kookpan en fruit het laurierblad en het kaneelstokje 1-2 min. Voeg de ui toe en bak glazig in ca. 6 min. Doe er de knoflook bij en bak nog eens 2 min. Doe er dan de baharat bij, schep goed om zodat de specerijen kort worden meegebakken en hun aroma’s afgeven. Voeg de bulgur toe, roer nog eens door, en blus af met de gepureerde tomaten en het water. Doe er zout bij en eventueel een handje gedopte tuinbonen. Breng de bulgur aan de kook en draai het vuur daarna heel laag. Gaar de bulgur met de deksel op de pan, ca. 20 min.

Maak de koolrabi-salade | Maak een dressing van alle ingrediënten door ze samen te roeren in een grote kom. Hussel de koolrabi erdoor zodat elk blokje is omhuld met saus.

Serveer | Geef de warme bulgur met de frisse koolrabi-salade als uitgebreide lunch of licht lentemaal. Voor meer oomph kun je er gehaktballetjes bij geven.

Tips :

* Baharat betekent letterlijk ‘specerij’ in het Arabisch. Deze blend zit vol knuffelige warme smaken in de kaneel-categorie, maar dan wel met de feestelijke frisheid van koriander en kardemom. Je kunt het kant-en-klaar kopen, maar ook zelf maken. Rooster en maal (in een elektrische koffiemolen of vijzel) de eerste zes specerijen in deze lijst en voeg daar op het laatst de onderste gemalen specerijen aan toe. Bewaar in een luchtdichte pot, het liefst op een donkere plek.

 

 

Witte-chocoladecheesecake met rabarber

Instant lentekriebels krijg ik van rabarber. De zure smaak is de ideale tegenhanger van zo’n lekkere mollige cheesecake. Maak de rabarber dus niet te zoet! Gember en kardemom zijn botanische familieleden, lekker fris, en passen daarom heel goed bij elkaar.

 

Heb je zelf lievelingsspecerijen die een plek verdienen in deze taart? Ga ervoor! Je kunt de rabarber evengoed pocheren met steranijs en sinaasappel, met een scheutje rozenwater, saffraan, of zelfs een paar gekneusde jeneverbessen. Het pocheren zorgt ervoor dat de rabarber zacht wordt, zonder zijn vorm te verliezen. Handig foefje om te onthouden.

Voor 8 | Klaar in anderhalf uur

  • Voor de rabarber
  • 550 g rabarber
  • 250 g suiker
  • 10 g gember, in dunne plakjes
  • 1/2 citroen
  • Voor de bodem
  • 200 g spritsen (of digestive koekjes)
  • 75 g boter, gesmolten
  • 1/4 tl gemalen kardemom
  • 1/4 tl kaneel
  • goede snuf zout
  • Voor de vulling
  • 600 g roomkaas
  • 2 eieren
  • 100 g zure room of crème fraîche
  • 1 vanillepeul (of 1 tl vanille extract)*
  • 2 el bloem
  • 200 g witte chocolade
  • snuf zout

Voorbereiding | Verwarm de over voor op 175°C en bekleed een vorm van 20 centimeter doorsnede met bakpapier. Laat alle ingrediënten op kamertemperatuur komen.

Rabarber pocheren | Voor een decoratief patroon, zoals de foto, snijd je de rabarber in lange stukken, maar stiekem eet het lekkerder als de rabarber wat kleiner is. Ga dus voor stukken van ongeveer 1 a 2 cm. Vul een ruime pan met 800 ml water en doe daar de suiker, gember en een kneepje citroensap bij. Breng aan de kook. Voeg de rabarber toe en kook 1 min. mee. Draai dan het vuur uit en laat de rabarber in de vloeistof badderen tot deze is afgekoeld. Laat goed uitlekken voordat je de taart belegd.

Maak de koekbodem | Maal de spritsen fijn in een keukenmachine en meng er de specerijen en gesmolten boter door. Verdeel het mengsel over de bodem van de vorm en druk dit met de bolle kant van een lepel of de onderkant van een vlak glas gelijkmatig aan. Bak de bodem 10 min. en laat deze vervolgens afkoelen.

Temperatuur verlagen | Verlaag de oventemperatuur naar 130 °C en vet de zijkant van de afgekoelde vorm in met boter.

Maak de vanille-roomkaasvulling | Klop de roomkaas in een ruime kom helemaal glad en voeg dan de eieren en zure room toe. Snijd het vanillestokje met een scherp mes over de lengte open en schraap er dan zoveel mogelijk merg uit (dit kun je overslaan als je vanille-extract gebruikt). Voeg het merg toe aan het roomkaasmengsel. Het overgebleven stokje kun je in een pot met een suiker stoppen (vanille-suiker) of in een fles met wodka (vanille-extract), gooi het in elk geval niet weg!

Witte chocolade smelten | Hak de chocolade grof en doe in een kom. Zet de kom op een pan heet water. Laat de kom het water niet raken (= au bain-marie), smelt de chocolade en roer glad. Spatel de gesmolten witte chocolade door het roomkaasmengsel en giet dit op de afgekoelde koekjesbodem. Bij gebruik van een springvorm is het verstandig om aluminiumfolie om de vorm te wikkelen, aangezien deze kan gaan lekken tijdens het bakken.

Bakken | Bak de cheesecake in  75 min.  tot 1,5 uur gaar. De taart moet gestold zijn maar mag in het midden nog wel wat wiebelen. Laat de cheesecake afkoelen tot kamertemperatuur.

 

 

Polenta met kimchi-paksoi

Kimchi is een gefermenteerde kool uit de Koreaanse keuken, op smaak gebracht met het pikante duo gember en knoflook, en gochugaru (chilivlokken). Hollandse groenten kun je ook de kimchi-treatment geven, zoals spruitjes, tomaten, komkommers, radijzen en ga zo maar door. In dit recept gebruik je reeds gemaakte kimchi voor een snelle roerbak met paksoi. Op en top comfortfood met polenta en parmezaan, voor als de lente even niet meezit.

Voor 4 | Klaar in een half uur

  • Voor de polenta
  • 400 ml (haver)melk
  • 200 g polenta
  • 60 g boter, in blokjes
  • Voor de kimchi-paksoi
  • 3 el olijfolie
  • 1/2 tl korianderzaad
  • 1 tl venkelzaad
  • 1 ui, in halve ringen
  • 3 tenen knoflook, geraspt
  • 1 el geraspte gember
  • 1 tl gochujang (optioneel)
  • 1 el tomatenpuree
  • 200 g (vega)gehakt*
  • 1 grote paksoi of 4 kleine shanghai paksoi
  • 200 g kimchi
  • parmezaan, voor erbij

Maak de polenta | Breng voor de polenta de melk met 700 ml water in een ruime pan met zout aan de kook. Zet het vuur iets lager en strooi al roerend – eventueel met een garde tegen klontjes – de polenta in de pan. Breng al roerend weer aan de kook en laat op laag vuur gaar koken. Roer regelmatig en giet er meer vocht bij als de polenta te dik wordt. Roer de boter er op het laatst door en breng op smaak met zout.

Roerbak de paksoi | Verhit de olie in een grote koeken- of stoofpan. Fruit de specerijen tot ze geurig zijn, ca. 1 min. Voeg de ui toe en bak glazig, ca. 6 min. Doe er de geraspte knoflook en gember bij en bak tot de rauwe, scherpe geur zachter is geworden, ca. 3 min. Voeg – indien je het gebruikt – de gochujang toe samen met de tomatenpasta. Bak een paar minuten zodat de suikers in de tomatenpasta karamelliseren en de zurige smaak verdwijnt.

Gehakt erbij | Doe het (vega)gehakt erbij en schep goed om, bak het in 5 min. rul. Doe er dan de paksoi en kimchi bij en bak nog eens 5 min. Proef en breng op smaak. Serveer het gehaktmengsel bovenop de polenta en rasp er parmezaanse kaas overheen.

Tips :

* Als je liever geen vleesvervangers gebruikt kun je dit gerecht ook maken met blokjes geroosterde aubergines of vlezige paddenstoelen zoals oesterzwammen en shiitake.

 

 

Gevlochten preitaart met za’atar en (daslook)pesto

Door de preitjes te koken worden ze zacht en kun je ze vlechten. Een esthetisch foefje waar je alleen de moeite voor neemt als je gasten verwacht. Want zo’n vlecht doet weinig voor de smaak. Wil je een extra snelle preitaart, laat het vlechten dan achterwegen en snijd de prei na het koken gewoon één keer doormidden en verdeel over de taart.

 

Za’atar is een specerijen-kruidenblend en goed verkrijgbaar bij Midden-Oosterse en Noord-Afrikaanse winkels. Het is zowel de naam van de opzichzelfstaande wilde oreganosoort (Majorana syriaca of Origanum syriacum) die alleen in het Midden-Oosten groeit, als een mix van gedroogde za’atar (of een combi van oregano, tijm en marjolein) met zure sumakbessen, geroosterde sesamzaadjes en zout.

Voor 2 | Klaar in een uur

  • 3 stuks prei
  • 230 g vers hartige taartdeeg
  • Voor de vulling
  • 3 el roomkaas
  • 1,5 el za'atar
  • 1 tl dijon mosterd
  • 10 g bieslook*
  • 8 draaien verse zwarte peper
  • 1/8 tl zout
  • 15 g parmezaan
  • rasp van een halve citroen
  • Voor de pesto
  • 20 g basilicum of daslook
  • 30 g parmezaan
  • 1 teen knoflook
  • 60 g olijfolie
  • snuf zout

Prei koken | Verwarm de oven voor op 200°C. Maak de prei schoon maar laat ze heel. Breng een grote pan met water aan de kook, voeg zout toe en dompel de preitjes onder. Kook de prei gaar in 10 min. Giet het water af en laat de prei afkoelen – als je net als ik geen geduld hebt kan dat prima met koud water. Knijp voorzichtig zoveel mogelijk vocht uit de prei en maak een grote vlecht – of 3 aparte kleine vlechten door de prei in te snijden. Bestrooi de prei met een snuf zout.

Maak de vulling & bestrijk het deeg | Klop alle ingrediënten voor de vulling samen los in een kleine kom. Rol het deeg uit op een met bakpapier beklede bakplaat en verdeel de vulling met de achterkant van een lepel over het deeg. Leg de gevlochten prei in het midden van de deegcirkel. Rol het deeg vanaf de randen tot aan de prei. Bestrijk de randjes met room of een beetje losgeklopte eidooier en bestrooi met sesamzaadjes en zoutvlokken. Bak de preitaart in 30-40 min. goudbruin.

Pesto | Terwijl de taart in de oven staat kun je de pesto maken. Lekker om samen met een knapperige salade erbij te geven (misschien doe je de pesto wel dóór de salade). Een optie, want de preitaart is ook lekker van zichzelf.

Tips :

Om de randen extra lekker te maken kan je ze met room of ei bestrijken en besprenkelen met zwart en wit sesamzaad en grove zoutvlokken.

* De bieslook kan ook vervangen worden door een andere allium: verse knoflook, jonge geroosterde prei, daslook enz.

 

 

Snelle slasoep met jeneverbes

Een lichte soep als remedie tegen kropsla-vermoeidheid. Want als je steeds opnieuw dezelfde groenten in je pakket vindt, zit je soms met de handen in het haar, luid zuchtend te klagen: ‘al-weer sla’. Daar heb ik wat op: geen sla op je bord, maar sla in de soep.

Voor 4 | Klaar in een half uur

  • 25 g boter
  • 8 jeneverbessen
  • 2 laurierblaadjes
  • 1 ui, gesnipperd
  • 500 g prei, in ringen
  • 2 kruimige aardappels, geschild en in blokjes
  • 1 kropsla, schoongemaakt en zonder harde nerven
  • 1 l groentebouillon
  • 1 tl (shiro) miso*
  • 1 el mosterd
  • 1 el honing

Specerijen fruiten | Smelt de boter in een soeppan. Fruit de jeneverbessen samen met de laurierblaadjes, ca. 30 sec. Bak de ui samen met de prei glazig, in ca. 6 min. Voeg de aardappel toe en bak nog 2 min mee.

Sla erbij en pureren | Voeg de sla toe en laat al omscheppend slinken. Schenk de bouillon in de pan en breng tegen de kook aan. Draai het vuur laag en kook de slasoep in ca. 10 min gaar. Voeg dan de miso, mosterd en honing toe en pureer de soep met een staafmixer. Proef en breng op smaak met peper en zout. Serveer eventueel met een lepeltje crème fraîche of yoghurt en een scheutje olijfolie. Nog een suggestie: doe wat scherpe (blauwe) kaas in de soep.

Tips :

* Als je geen miso in huis hebt kun je ook een scheutje sojasaus toevoegen of wat extra zout/bouillon.